Zoutwinning onder de Waddenzee wordt uitgebreid: omgeving vreest 'Groningse toestanden'. Dit speelt er

donderdag, 4 juni 2026 (12:26) - Leeuwarder Courant

In dit artikel:

Frisia Zout heeft een voorlopige vergunning gekregen om de zoutwinning onder de Waddenzee bij Harlingen uit te breiden, wat veel verontwaardiging oproept bij de gemeente Harlingen, provinciale en waterschapsbestuurders en natuurorganisaties. Het bedrijf — sinds 2000 onderdeel van de Duitse K+S Group — wint zeer zuiver keukenzout uit de diepe ondergrond (op 2.500–3.000 meter). Tot 2020 gebeurde winning deels onder land in Noordwest‑Friesland; door onverwachte en langdurige bodemdaling werd dat beëindigd en sindsdien wordt er uit vier putten onder het wad gehaald.

Het kabinet had twee jaar geleden vastgelegd dat na 1 mei 2024 geen nieuwe mijnbouwaanvragen meer in behandeling worden genomen voor het Werelderfgoedgebied Waddenzee. Frisia diende zijn wijzigingsaanvraag nog vóór die datum in. In plaats van de eerder vergunde 32 miljard kilo wil het bedrijf nu tot 2052 in totaal 45,5 miljard kilo winnen. Daardoor kan de toegestane maximale daling in het diepste deel van de kom oplopen van 103 cm naar 167 cm; die hogere norm komt mede doordat andere delfstoffenwinning inmiddels is gestopt. Ook NAM diende toen nog een wijziging in voor gaswinning vanaf locaties bij Moddergat, Lauwersoog en Vierhuizen.

Voorstanders wijzen op het economische belang: dit zout is van hoge kwaliteit en belangrijk voor de chemische industrie en medicijnfabricage; vergelijkbare deposito’s worden ook bij Veendam en in Twente gewonnen. Tegenstanders vrezen echter Groningse toestanden: onvoorziene na-ijleffecten met bodemdaling, schade aan woningen en monumenten, en gevolgen voor dijken en het wad. Natuurorganisaties waarschuwen dat wadplaten tussen Harlingen en Terschelling kunnen verdwijnen, met minder voedsel voor vogels en verandering van wad‑dynamiek.

Toezicht en toetsing liggen bij onafhankelijke instanties zoals Staatstoezicht op de Mijnen en TNO; de regels schrijven voor dat bij onverwachte effecten de winning moet stoppen. Deskundigen zeggen dat aardbevingen onwaarschijnlijk zijn omdat zoutwinning anders werkt dan gaswinning, maar risico’s zijn nooit helemaal nul. Staatssecretaris Jo-Annes de Bat concludeert in het ontwerpbesluit dat de veiligheid van omwonenden niet in het geding is en dat eventuele trillingsschade verwaarloosbaar zou zijn.

Lokale belangenorganisaties, zoals de Stichting Bescherming Historisch Harlingen, voelen zich niet gehoord. Zij maken zich zorgen over meer dan vijfhonderd monumenten, vinden dat meetnetten en aanvullende voorwaarden genegeerd worden en vinden het onaanvaardbaar dat geaccepteerde bodemdaling dichter bij de stad wordt verschoven. Provincie, Wetterskip Fryslân en de gemeenten Harlingen, Waadhoeke en Terschelling gaven eerder een negatief advies; zij vrezen onherstelbare schade en pleiten onder meer voor een omgevingsfonds door Frisia en een maatschappelijke kosten-batenanalyse.

De Waddenvereniging stuurde een brandbrief aan het VN‑Werelderfgoedcomité en vroeg eerder al om sterke inperking of stopzetting van zoutwinning onder het wad. De situatie doet denken aan een eerdere zaak rond NAM, waar de overheid uiteindelijk mijnrechten afkocht toen juridische mogelijkheden om aanvragen te weigeren ontbraken. De uitkomst voor Frisia is nog niet definitief; de voorlopige vergunning heeft de discussie over veiligheid, compensatie en het draagvlak voor mijnbouw in een kwetsbaar werelderfgoedgebied alleen maar verdiept.