Zelf komt Cambuur-speler Jort (30) uit Brabant: 'Maar bij ons in de kleedkamer hoor je ook Fries en Stadsfries'

zaterdag, 21 februari 2026 (21:12) - Leeuwarder Courant

In dit artikel:

Jort van der Sande van SC Cambuur was zaterdag het gezicht van Leeuwarder activiteiten rond de Internationale Dag van de Moedertaal. Het Europeesk Buro foar Lytse Talen (EBLT) organiseerde samen met het Noordelijk Filmfestival een avond in filmhuis Slieker, met als blikvanger de voorpremière van Amrum — een coming-of-agefilm waarin op het Duitse waddeneiland het Duits-Friese dialect Oomrang wordt gesproken. Na de vertoning presenteerde brouwer Grutte Pier drie nieuwe Liwwarder speciaalbieren: Deunskiter, Kletser en Sompe.

Cambuur-trainer Henk de Jong, die Fries als thuistaal heeft, zou de avond bijwonen maar bleef thuis door griep; Van der Sande nam zijn plek in en kreeg het biertje Sompe overhandigd. Daarbij ontving hij ook Ik rúk al aardech naar de skep, een bundel Leeuwarder spreekwoorden die Ezra Efdé noteerde uit het schriftje van zijn grootmoeder Attie (1940–2022). De naam Sompe verwijst naar een lokaal gezegde, legt de organisatie uit.

Van der Sande, van Brabantse oorsprong (Goorle/Tilburg) met een zachte G, reflecteerde op talen in de Cambuur-kleedkamer: „Bij ons in de kleedkamer hoor je Nederlands, Fries en ook veel gebrekkig Engels.” Hij herkent daarnaast stadsfries in het spraakgebruik van sommige teamgenoten. Wethouder Hein Kuiken, zelf uit Harlingen, erkent dat het stadsfries krimpt: „Der binne niet so feel kynders mear dy Liwwadders spreke,” en noemt het belangrijk dat het Fries aandacht krijgt, al ziet hij het stadsfries als minder essentieel.

De activiteiten vallen samen met een provinciaal besluit om de rol van het Fries in het onderwijs te versterken, en met de bredere UNESCO-herdenking van de moedertaaldag — ingesteld na de fatale demonstraties voor het Bengaals in 1952.