Yolt (75) uit Aldeboarn 'is zoals hij is': erudiet, soms irritant, met een enorme inzet voor natuur en cultuur

donderdag, 28 mei 2026 (20:57) - Leeuwarder Courant

In dit artikel:

Yolt IJzerman (75) uit Aldeboarn overleed recent; zijn leven en afscheid weerspiegelen een onvermoeibare liefde voor natuur, cultuur en kennis. IJzerman stelde zijn eigen overlijdensadvertentie en liet een digitale rouwkaart rondgaan waarop het Friese landschap voorbijtrekt. Zijn herdenking vond op 17 mei plaats op Stania State in Oentsjerk, zonder kist: hij had zijn lichaam aan de wetenschap geschonken, geheel in de geest van een man voor wie kennis vergaren centraal stond.

Geboren als Ayolt Johannes in Amsterdam, groeide hij op in Wassenaar en later Haren. Al als kind raakte hij geboeid door molens en kerkklokken; op zevenjarige leeftijd werd hij het jongste lid van De Hollandsche Molen. Die vroege fascinatie groeide uit tot een leven lang vrijwilligerswerk en deskundigheid rond molens. Tijdens zijn studie in Wageningen werd hij molenaar en daarna werkte hij veertig jaar bij Staatsbosbeheer, waar hij uiteindelijk hoofd terreinbeheer werd bij de Friese tak. Tegelijk vervulde hij talloze nevenfuncties voor natuur- en cultuurorganisaties.

IJzerman was internationaal actief in de molenwereld: vanaf 1973 betrokken bij TIMS (The International Molinological Society), waarvan hij in 1993 voorzitter werd en symposia in onder meer Wales, Hongarije, Roemenië en de VS organiseerde. Voor hem waren molens meer dan techniek; ze spiegelden volgens hem de relatie van de mens met de aarde. Zijn inzet leverde hem in juni 2025 een koninklijke onderscheiding op, vooral vanwege decennialange bijdragen aan groepen zoals de Bekenstichting, It Fryske Gea, Stichting Belvédère Oranjewoud, Gild Fryske Mounders en diverse lokale initiatieven.

Persoonlijk was IJzerman ‘alleengaand’ — geen nabestaanden — maar altijd omringd door vrienden en collega’s. Hij was onafscheidelijk van zijn motor, een Honda Goldwing, waarmee hij naar internationale bijeenkomsten reisde en onderweg mensen bezocht. In de kofferbak reisde steevast een asielhond mee; in totaal nam hij zeven honden uit het asiel op, meest bekend is het hondje Floris. IJzerman stond bekend om zijn tomeloze energie: zelfs na valpartijen en motorongelukken ging hij door, vergaderingen bijwoonde vanuit revalidatiecentra en notities in het Fries maakte.

Zijn aanpak was direct en doelgericht — geen ruimte voor ‘prietpraat’ — maar zijn oprechtheid leverde hem veel steun op. Hij sprak Fries, kookte graag van vergeten groenten en vierde zijn verjaardag groots met vrienden. In maart 2025 deelde hij met naasten dat hij niet lang meer te leven had; hij herstelde kort en ging verder met zuurstofondersteuning, maar uiteindelijk stierf hij natuurlijk — de euthanasie die hij overwoog, was niet aan de orde. Zijn keuze om zijn lichaam aan de wetenschap te geven sluit aan bij een leven gewijd aan natuuronderzoek, cultuurhistorie en het delen van kennis.