Wietze Veenstra moest altijd de grens over naar zijn meisje Dicky

zondag, 8 maart 2026 (19:29) - Friesch Dagblad

In dit artikel:

Wietze (88) en Dicky Veenstra (90) uit Harkema vierden maandag hun 65-jarig huwelijk met een familiediner voor kinderen, kleinkinderen, achterkleinkinderen en broers en zussen. Hun verhaal begon in de jaren vijftig in de Fries-Groningse grensstreek: beiden kwamen uit De Wylp en raakten verbonden via de hervormde jeugdvereniging en de zondagsschool. Bij een gezamenlijk kampeeruitje bloeide de relatie op — Wietze moest zelfs over de provinciegrens naar Groningen om Dicky te zien.

In de verkeringstijd trokken ze als stel per fiets door Nederland, langs familie in Arnhem, Amsterdam, Hoorn en Schagen; vanwege de zeden sliepen ze toen nog apart. Toen ze in 1961 trouwden, moest Dicky haar baan bij het GAK (de voorganger van het UWV) opzeggen — destijds gebruikelijk voor vrouwen in overheidsdienst. Wietze was onderwijzer en later schoolhoofd aan de hervormde school in Harkema; het gezin woonde naast de school. Hun twee zoons, Gerard (62) en Martin (56), luisteren nog altijd naar herinneringen over schooltijden: de oudste was vroeg op het plein, de jongste sprintte na de bel snel zijn klas in.

Beide echtelieden waren zeer actief in kerk en samenleving. Dicky was de eerste vrouw in de kerkenraad van Hervormd Harkema-Opeinde, eerst als diaken en later als ouderling; ze bezocht ouderen en mensen met een beperking, organiseerde uitjes, naaide kleding en maakte kaarten. Wietze en Dicky zongen in verschillende koren en reisden met het Grootkoor Friesland en kerkelijke groepen naar onder meer Zuid-Afrika, Thailand, Curaçao en landen in het Midden-Oosten. Wietze maakte uitvoerige reis- en voetbalverslagen, was bestuurslid van voetbalclub Harkemase Boys en stelde voor het vertrek uit het onderwijs in 1995 een jubileumboek voor de club samen.

Gezondheid speelt inmiddels een rol: Wietze heeft polyneuropathie, heeft evenwichtsproblemen en is zijn auto kwijtgeraakt; hij beweegt zich met een driewieler voort maar begeleidt nog altijd de gemeentezang op het orgel als hij het trapje op kan. Dicky blijft vitaal en runt het huishouden zonder hulp.

Het gezin heeft inmiddels vier achterkleinkinderen; van zes kleinkinderen overleed vorig jaar een kleindochter op 35-jarige leeftijd aan kanker, wat een zware slag voor de familie was. In moeilijke tijden vinden Wietze en Dicky troost in de trouwpsalm die hen al zestig- en vijf jaar verbindt. Ze citeren gezamenlijk Psalm 121: “Ik sla mijn ogen op naar de bergen, vanwaar komt mijn hulp? Mijn hulp is van de Here, die hemel en aarde gemaakt heeft.”