Warns verliest het dorpscafé na verkoop. 'Wij waren van de oude stempel'
In dit artikel:
Na ruim drie jaar aanbieden is café-restaurant Op Warns van eigenaars Will (64) en Afke (66) Kuipers verkocht; de overdracht is rond en de sluitingsdatum staat op 28 juni. Het echtpaar runde het bedrijf sinds 1999 en besloot te stoppen na een halve eeuw in de horeca: ze zijn uitgeput en kijken uit naar rust en vrije weekenden waar ze tot nu toe weinig van kenden.
De verkoop ging moeizaam. Veel bezichtigingen, maar kopers vonden het pand vaak te groot, te klein of te oud; bovendien haperde de marktvraag voor horeca met woning erboven, vooral in dorpen waar veel omzetverlies optreedt. Eind 2025 meldde zich een projectontwikkelaar die zich richt op appartementenbouw. Die partij wil het café niet voortzetten; het gebouw blijft voorlopig staan maar concrete plannen ontbreken nog. Biljart- en dartgroepen die in Op Warns speelden zullen een nieuwe locatie moeten vinden.
Will en Afke probeerden het horecaverloop nog te behouden en stonden open voor kopers die het voortzetten wilden, maar zulke transacties kwamen niet rond. Hun zaak was bewust traditioneel en royaal: stevige porties vlees, veel warme en koude groentes en een menukaart die ruimte liet voor wensen van vaste gasten. Die ouderwetse stijl — geen hippe, vegetarische of veganistische trends — maakte juist de aantrekkingskracht uit voor veel stamgasten. Met sluiting in zicht verwachten de eigenaren drukte van mensen die nog één keer willen komen eten.
Het einde betekent ook praktisch werk: inpakken, beslissen over keukenvoorraad en afscheid nemen van spullen die zich door de jaren heen in het café ophoopten. Door de onzekerheid over verkoop hielden ze onderhoud en investeringen beperkt; die afbouw vraagt nu nieuwe keuzes. Voor de toekomst plannen Will en Afke eerst herstel en een tijdelijke huurwoning; op termijn hopen ze met een camper te reizen, met een vertrek naar Spanje rond januari als droombeeld.
De sluiting van Op Warns illustreert een bredere beweging in dorpskernen: kleinschalige horeca worstelt met teruglopende vraag en wordt steeds vaker opgevolgd door ontwikkelingsprojecten in plaats van voortzetting als ontmoetingsplaats.