Waarom kreeg gemeentesecretaris Weststellingwerf na acht maanden 2,5 ton als vertrekregeling mee?
In dit artikel:
Gemeentesecretaris Otto Paans vertrok na acht maanden in 2024 bij de gemeente Weststellingwerf. De afwikkeling van zijn vertrek kostte de gemeente uiteindelijk €262.577,45 — ruim boven de norm uit de Wet normering topinkomens (WNT), die bij ontslagvergoedingen normaal gesproken een plafond rond de €75.000 kent. Weststellingwerf koos echter voor een andere opzet: de betaling ging niet rechtstreeks naar Paans, maar naar het outplacementbureau Gradus, waarna Paans in dienst trad bij dat bureau.
Hart voor Weststellingwerf begon al eind 2024 met schriftelijke vragen over het vertrek en spitste die vanaf oktober en november 2025 verder toe op de hoogte van de kosten. Omdat de antwoorden volgens die partij onvoldoende waren, bracht ze de kwestie maandag in de raadscommissie en sprak van een „rookgordijn”. Sociaal Duurzaam vroeg om concreet te maken welke vermeende ondoorzichtigheden worden bedoeld.
Het college stelt dat er in goed overleg is gekozen voor deze constructie omdat er geen goede match bleek tussen Paans en de organisatie en men risico’s wilde beperken: mogelijke hoge ontslagclaims, transitievergoedingen, proceskosten en WW‑lasten. Het college schat die risico’s op maximaal zo’n €700.000, een inschatting die door raadsleden werd betwijfeld omdat die veronderstelt dat Paans jaren zonder werk zou blijven. Volgens waarnemend burgemeester Stieneke van der Graaf hoorde bij de afspraak dat de helft van het bedrag terug zou komen als Paans binnen twaalf maanden een nieuwe baan vond; hij vond die baan pas na twaalf maanden.
Aanvankelijk noemde het college €217.006 aan kosten; na vragen over btw werd dit aangepast naar €262.577,45. Dat komt neer op ongeveer €33.000 per maand dienstverband. Hart voor Weststellingwerf vergeleek dit met lagere vertrekbedragen in Amsterdam, Almelo en Den Helder, die ruim binnen de WNT vielen. Ook vroeg de partij zich af waarom de gemeente samenwerkte met Gradus, een Amersfoorts bedrijf dat de afgelopen jaren verlies draaide en eind 2024 een negatief eigen vermogen had. Het college verdedigt dat het een zakelijke, niet ongebruikelijke route betrof en stelt dat voor een eenmalige dienstverlening geen uitgebreid financieel onderzoek naar de leverancier gebruikelijk is. De gemeente zei de verwerking van de transactie met de accountant te hebben afgestemd; die verklaarde later alleen instemming met de verwerking in de jaarrekening, niet met de gekozen constructie zelf. Hart voor Weststellingwerf sluit niet uit de zaak terug te brengen in de gemeenteraad via een motie.
Vandaag Inside: In de Wandelgangen: Staan Hélène Hendriks en Jeanneau van Beurden open voor Boxing Stars?