Waarom de Kamer niet rijp is voor een minderheidskabinet | opinie
In dit artikel:
CDA-leider Henri Bontenbal ziet een minderheidskabinet als kans voor Nederland, mits de Kamer echt kiest voor samenwerken, wederzijds vertrouwen en het nationale belang. In een opinietekst waarschuwt Rimmer Mulder echter dat die cultuur nu ontbreekt: partijen in Den Haag zijn volgens hem vooral bezig met profilering richting hun achterban en volgende verkiezingen, en halen elkaar met moties, schriftelijke vragen en spoeddebatten steeds uit elkaar. Daardoor stokt de formatie en slinkt de kans op een stabiel kabinet onder leiding van Rob Jetten.
Mulder richt scherpe kritiek op VVD-leider Dilan Yesilgöz. Haar weigering om te onderhandelen met GroenLinks en PvdA – uit trouw aan een kiezersbelofte — zou de weg hebben versperd naar een brede vierpartijencoalitie met ruime Kamermeerderheid. Tegelijk prijst hij Bontenbal’s idee van een minderheidskabinet, maar stelt dat zo’n kabinet alleen kan slagen wanneer parlementariërs hun tactiek veranderen en werkelijk bereid zijn compromissen te sluiten.
De columnist plaatst de Nederlandse impasse in een geopolitieke context: internationale verhoudingen veranderen snel, en Europa moet volgens hem zelfstandiger worden op defensie en economie, met eenduidig buitenlands beleid en de mogelijkheid Oekraïne te steunen zonder afhankelijkheid van de VS. Nederland mist momenteel het leiderschap dat daarvoor nodig is; de huidige regering wordt afgeschilderd als het restant van een mislukt kabinet, met een premier zonder gezag. Ook de keuze van Yesilgöz om eerder met de nationalistische, eurosceptische partij JA21 te kunnen regeren dan met pro-Europese partijen wordt sterk bekritiseerd. Mulder besluit dat de VVD een andere fractieleider nodig heeft als het landsbelang echt voorop moet komen te staan.