Waar zijn de nazaten van rups Argibald De Eerste? Nummer twee zit in Franeker verstopt

zondag, 15 maart 2026 (17:26) - Leeuwarder Courant

In dit artikel:

In Franeker trokken vrijwilligers zondag onder leiding van ecoloog Bastiaan Schuit eropuit om te zoeken naar de rups van de zeldzame argusvlinder. Met loepjes en kleine vlaggetjes inspecteerden ze een beschermd bloemenveld (een zogenaamde vlinderidylle) langs de N384 en de Arumer Feart: knielen, grassprietje voor grassprietje, op zoek naar het kenmerkende vraatspoor dat de groene rups in één rechte lijn eet. Hoewel veel stokjes in de rugzak bleven, ontdekte Gwendy Wevers één veelbelovend vraatspoor; de meeste deelnemers leerden vooral waar je moet zoeken—bij hekjes en paaltjes met lage begroeiing en veel dood gras, plekken die snel opwarmen en waar de rups zijn eitjes overwintert.

De inzet van vrijwilligers zoals Jerre Wiersma, Chris Mintjes en vlinder­teller Lisa Vermaning is gericht op waarneming en het informeren van landeigenaren zodat kleine micro-habitats behouden blijven. Grote problemen voor de argusvlinder blijven echter stikstofdepositie, droogte en pesticiden: te veel stikstof stimuleert snel grasgroei, wat het type laag en warm grasland verdringt dat de rups nodig heeft.

Nationaal is de argusvlinder sinds 2014 dramatisch afgenomen—tellingen tonen een daling van ongeveer 98 procent—en de soort komt nu vooral nog voor in het westen van Nederland en het westen van Friesland, vaak nabij water. Tijdens de Franeker-actie werd zelf geen grote vondst gedaan, hoewel Schuit eerder die ochtend op een ander punt langs de Wash’n Go wél een rups aantrof; dat is de tweede bevestigde waarneming in Friesland, kort na een eerste vondst vorige week bij Sloten (waar men het exemplaar ludiek “Argibald De Eerste” noemde).

De zoekactie illustreert zowel de kwetsbaarheid van de argusvlinder als de lokale inzet om kleine, belangrijke leefplekken te behouden en meer waarnemingen te verzamelen.