Vol gas voor Grou: techneut en ijsbeheerder Johannes (86) was druk tot de laatste dag
In dit artikel:
Johannes de Vries (geboren 29 november 1939 in It Hoflân, tussen Idaerd en Grou) is op 86‑jarige leeftijd op zondag 29 maart overleden. In Grou stond hij decennialang synoniem voor winterplezier, technische vaardigheid en dorpsbetrokkenheid: ijsbeheerder, schaatsenslijper, monteur, vrijwillige brandweerman, organisator en verhalenverteller die zich onvermoeibaar inzette voor zijn gemeenschap.
De Vries’ liefde voor ijs en mechaniek bepaalde zijn leven. Na een start bij de landbouwcoöperatie nam hij met zijn vrouw Roelie het bedrijf Technische Watersportservice De Schiffart in Grou over, waar hij de werkplaats leidde en zich ontwikkelde tot een gewaardeerd schaatsenslijper. Samen met zijn schoonvader verbeterde hij een slijpmachine, waardoor in de jaren tachtig en negentig toprijders zoals Ids Postma naar Grou kwamen. Zijn betrokkenheid strekte zich uit tot Thialf in Heerenveen, waar hij sinds 1967 lezingen gaf, trainde, scheidsrechter was en als starter actief was. Zelf reed hij in 1963 de zware Elfstedentocht, hoewel hij die tocht bij Aldtsjerk van het ijs gehaald werd en niet finishte.
Ruim inzetbaar in verenigingsleven: zestig jaar voorzitter van de IJswegencentrale Idaarderadeel, vijftig jaar bestuurslid van natuurijsclub Foar It Jonge Folkje, langdurig lid van de vrijwillige brandweer en organiserend voorzitter van de FFF. Voor zijn jarenlange vrijwilligerswerk werd hij in 1994 benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje‑Nassau. Zijn depot in Grou droeg hij met militaire precisie; voor hem waren die strakke, koude winterdagen van onschatbare waarde.
Privé kende hij zowel geluk als verlies. Met Roelie kreeg hij dochter Hilda en zoon Hette; Roelie overleed in 1997 aan kanker. Hilda nam daarna veel van de bedrijfsvoering over. Later had hij een relatie met Eva, die ook jong stierf. Ondanks terugkerende gezondheidsproblemen bleef hij actief: hij reisde solo met de boot, scheurde op een elektrische step door Grou en hield de moed erin — zijn vaste antwoord op “hoe gaat het?” was steevast “poerbêst!”
In maart belandde hij in het ziekenhuis, waar acute leukemie werd vastgesteld; kort daarna overleed hij. Zijn zoon Hette typeert hem als “nog altijd jong van geest, na een mooi leven vol verhalen.” De Vries laat een dorp achter dat hij met zijn energie, technische kennis en onverzettelijke optimisme sterk heeft gevormd — vooral wanneer het ijs roept.