Van klooster tot cultuurhart: het bijzondere levensverhaal van een monument in Drachten
In dit artikel:
Het Minderbroedersklooster aan het Museumplein in Drachten werd in 1937 in gebruik genomen door Franciscanen die sinds 1933 missionair werk deden vanuit de Witte Villa. De stichting paste in een katholieke aanpak tegen ontkerkelijking in de Friese Wouden; door onder meer de komst van Philips groeide het katholieke kerkbezoek en verschoof de prioriteit van zending naar pastorale zorg.
In 1970 verkocht de congregatie het pand aan de gemeente Smallingerland, die het liet aanpassen als gemeentehuis; het wapen boven de ingang herinnert nog aan die periode. Sinds 1994 huisvest het gebouw Museum Dr8888; de voormalige kloostergang en kapel zijn nog duidelijk herkenbaar, de kapel wordt nu als auditorium gebruikt. De oorspronkelijke kloostertuin fungeert tegenwoordig als Museumplein en een deel van de achtertuin is openbaar park.
Het pand is ontworpen door H.H. de Graaf in de sobere, traditionele Delftse School-stijl (karakteristiek: baksteen en ingetogen detaillering). Latere verbouwingen voor gemeentelijke en museale functies hebben de basisstructuur grotendeels intact gelaten.
Een ingrijpende renovatie en uitbreiding door het architectenduo Mecanoo-Raumplan staat gepland: de restauratie haalt oorspronkelijke vormen en bogen weer nadrukkelijker naar voren, op de achterplaats verrijzen drie moderne paviljoenen voor extra expositieruimte en het Museumplein wordt groener en aantrekkelijker ingericht.
Het museum kreeg in februari een gift van 600.000 euro van de VriendenLoterij voor de inrichting van het vernieuwde gebouw. De aanbesteding moet rond medio 2026 afgerond zijn; in 2027 start de bouw en in 2028 is heropening gepland. Tijdens de werkzaamheden verhuist het museum tijdelijk naar een andere locatie; er lopen gesprekken met het parochiebestuur van De Goddelijke Verlosser, dat naast het museum staat.