Twee talen op één bordje, moet daar een lijntje tussen? Deze dilemma's spelen bij tweetalige verkeersborden

zondag, 18 januari 2026 (18:43) - Leeuwarder Courant

In dit artikel:

In Fryslân begint dit jaar de plaatsing van tweetalige bewegwijzering langs provinciale wegen: Nederlands en Fries verschijnen voortaan samen op provinciale borden. Die lokale maatregel past in een wereldwijd groter debat over welke taal zichtbaar wordt in de openbare ruimte — een keuze die vaak meer zegt over macht en erkenning dan over puur informatieoverdracht.

Meertalige borden zijn vanzelfsprekend op internationale plekken (zoals Schiphol) of in landen met een ander schriftsysteem (bijvoorbeeld Griekenland met Engels erbij). Soms vervult een extra taal vooral een praktische functie; soms is het een politiek symbool. In Israël komen borden vaak in het Hebreeuws, Arabisch en Engels voor, waarbij de volgorde op het bord de maatschappelijke rangorde van talen kan weerspiegelen.

Wanneer het doel verschuift van duidelijkheid naar taalpolitiek, ontstaan felle discussies. Een recent voorbeeld is Nieuw-Zeeland, waar het plan om ongeveer honderd borden ook in het Maori te plaatsen onderdeel was van een breder inclusiviteitsbeleid. Tegenstand van de rechts-conservatieve National Party — met het argument dat eenduidige Engelse borden veiliger zijn — leidde ertoe dat het plan na de verkiezingen in 2023 werd losgelaten.

Er zijn ook veel succesvolle voorbeelden van structurele meertaligheid. Canada regelt Engels en Frans officieel; Québec voert Frans consequent, New Brunswick heeft tweetalige plaatsing en Nunavut toont Inuktitut naast Engels. In Spanje zijn regionale talen als Baskisch, Catalaans en Galicisch routinematig op borden te zien, vaak visueel gelijkwaardig. In Frankrijk blijft de zichtbaarheid van kleinschalige talen beperkt. In Zuid-Tirol wisselt de prioriteit tussen Duits en Italiaans per plek.

De typografie van tweetalige borden varieert en beïnvloedt wat mensen daadwerkelijk opvalt. Ierland verplicht tweetaligheid met Iers bovenaan, maar het Iers staat cursief en in onderkast terwijl het Engelse opschrift in hoofdletters staat — waardoor Engels visueel dominanter blijft. Wales gaat juist in de andere richting: sinds 2016 staat het Welsh boven het Engels en zonder typografisch onderscheid, waardoor beide talen evenveel aandacht krijgen.

Wat betreft verkeersveiligheid tonen studies dat dubbele taal op borden geen onoverkomelijk probleem hoeft te zijn, mits het consequent wordt toegepast en de hoeveelheid tekst beperkt blijft (bij voorkeur niet meer dan vier regels). Meertalige borden vragen meer leestijd en kunnen snelheid remmen; dat argument gebruikte ook de door Fryslân geraadpleegde verkeerspsycholoog om aan te bevelen Nederlands boven Fries te plaatsen. Er is echter geen sluitend bewijs dat het bovenaan zetten van een kleinere taal vaker tot ongevallen leidt — de volgorde blijft vooral een politieke keuze.

Kortom: de invoering van tweetalige borden in Fryslân sluit aan bij internationale voorbeelden en spanningsvelden tussen praktische bruikbaarheid en symbolische erkenning van minderheidstalen. De vormgeving en plaatsing van de tekst blijken cruciaal voor zowel zichtbaarheid als verkeersveiligheid, maar de uiteindelijke beslissingen zijn vaak politiek geladen.