Trump zet domper op ultrarechts pact | opinie
In dit artikel:
De zware nederlaag van Viktor Orbán in Hongarije betekent een fikse klap voor de internationale ultrarechtse, anti-woke beweging waarvoor hij lange tijd als uithangbord fungeerde. Orbán was medeverantwoordelijk voor het model van de zogenaamde ‘illiberale’ partijen: regeringen die formeel democratisch blijven, maar media, rechterlijke macht en oppositie systematisch inperken.
De herverkiezing van Donald Trump in 2024 leek de stroom in die richting te versterken, samen met leiders als Italië’s Giorgia Meloni en de opkomst van AfD, Rassemblement National en Reform UK. Volgens het artikel heeft Trump die eenheid echter ondermijnd doordat zijn militaire optreden tegen Iran (in nauwe samenwerking met Israël volgens de tekst) Europese radicaal-rechtse partijen in verlegenheid brengt. Vooral Italië, sterk afhankelijk van Midden-Oosterse brandstof, voelt de economische en politieke gevolgen; Meloni keert zich expliciet van Trump af, ook vanwege diens minachting voor pauselijke vredesoproepen.
Veel Europese radicaal-rechtse partijen distantiëren zich steeds meer van Trump uit vrees kiezers te verliezen. Achter de schermen geven prominenten aan dat steun aan de Amerikaanse president niet langer gewenst is—de publieke steunbetuigingen van Trump en zijn vice JD Vance hielpen Orbán uiteindelijk ook niet.
Centrale botsing is dat Trumps beleid de nationale soevereiniteit aantast, een kernwaarde voor radicaal-rechts, waardoor zijn Midden-Oostense politiek het momentum van de illiberale golf remt. Hoewel in landen als Tsjechië, Slowakije en recentelijk Bulgarije nog steeds eurosceptische en pro-Russische naties aan de macht zijn, concludeert de columnist dat de bredere illiberale beweging terrein verliest door Trumps optreden. (Roeland Sprey)