Tieners verlangen naar plekken waar ze gezien en gehoord worden
In dit artikel:
Op zaterdagochtend stromen tieners met slaapzakken en kleren de kerk binnen voor de jeugdweekeinden die Harriëtte Smit organiseert — ontmoetingsdagen waarin geloof, vriendschap en persoonlijke groei centraal staan. Wat begon als een klein initiatief is in twaalf jaar uitgegroeid tot de serie EssenCiel-weekeinden, die in september en maart in drie regio’s in Frankrijk plaatsvinden (zuidwesten, zuidoosten en de Cevennen). Doel is jongeren een veilige plek te bieden om elkaar te ontmoeten, vragen over geloof te onderzoeken en blijvende relaties op te bouwen.
De weekeinden worden gedragen door vrijwilligers en telkens door een andere lokale kerk als gastgemeente. Die kerken ontvangen de groepen, verzorgen de maaltijden en ervaren zelf zegen van de aanwezigheid van tieners: in kleine gemeentes brengen zij opeens meerdere jonge muzikanten en veel energie mee. De programma’s duren iets meer dan 24 uur en eindigen vaak in een hechte groep waarin deelnemers enthousiast afscheid nemen.
Een opvallende ontwikkeling is dat de organisatie nadrukkelijk jongeren zelf in leiderschapsrollen brengt. Zestien- en zeventienjarigen fungeren als animateurs: ze bedenken spellen, begeleiden gesprekjes, helpen praktisch en weten makkelijk contact te maken met jongere deelnemers. Smit ziet dit als de vrucht van jarenlang investeren: naast het vormen van een generatie deelnemers ontstaat zo ook een generatie jonge leiders.
De afgelopen twee jaar is een diaconale dimensie toegevoegd: één weekend per jaar heeft een nadruk op dienstbaarheid. In samenwerking met lokale organisaties voeren de tieners praktische projecten uit — voedsel inzamelen voor de voedselbank, zwerfafval opruimen, ouderen bezoeken of buitenspellen organiseren voor kinderen uit kwetsbare gezinnen. Die activiteiten laten jongeren ervaren dat hun aanwezigheid ertoe doet; kleine ontmoetingen, zoals een stille tiener die contact maakt met een bewoonster van een verzorgingshuis, blijven soms langdurig doorwerken.
Smit benadrukt dat veel deelnemers naar openbare scholen gaan en niet altijd een thuisbasis in geloof hebben, waardoor zulke weekeinden een belangrijke rol spelen in hun geloofsontwikkeling. Het verhaal van Mila (16), een jonge leider die op latere leeftijd binnenkwam via kinderactiviteiten, illustreert dat: door betrokkenheid, aandacht en relaties vond zij vertrouwen, liefde en uiteindelijk de stap om zich te laten dopen.
Als landelijk jeugdwerkadviseur binnen de Franse Unepref-kerken ziet Smit haar werk als investeren in kleine, concrete daden van aandacht en nabijheid. De weekeinden laten zien dat plekken waar tieners worden gezien en gehoord levens kunnen veranderen — in Frankrijk en daarbuiten. In de rubriek Standplaats vertellen Nederlandse christenen in het buitenland over zulke ervaringen; Smit deelt daarmee hoe jeugdwerk jongeren bindt aan geloof en gemeenschap.