Terwijl taal, lezen, rekenen en kennis van de wereld aantoonbaar achteruitgaan, praten we liever over AI | opinie
In dit artikel:
Onderwijsspecials en debates fixeren zich momenteel op AI, terwijl het fundament van het onderwijs brokkelt, betoogt Hendrik Atze van Doezum, geschiedenisdocent op het Lauwers College in Buitenpost. Juist in de week dat de Staat van het Onderwijs verscheen — met harde signalen over dalende leerprestaties — besteedden de noordelijke kranten vooral aandacht aan technologische vergezichten. Volgens Van Doezum is dat symptoommatig: telkens duikt een nieuw middel op (internet, smartphone, nu AI) en opnieuw dreigt men de basisvaardigheden uit het oog te verliezen.
Cijfers maken de zorg concreet: meer dan 40% van mbo-opleidingen scoort onvoldoende, ongeveer 20% van onderzochte middelbare scholen presteert ondermaats (terwijl nog maar een deel is bekeken), en een op de drie vijftienjarigen heeft onvoldoende leesvaardigheid en loopt kans op laaggeletterdheid. Voor Van Doezum zijn dit geen bijverschijnselen maar tekenen van structureel verval die ministeriële en maatschappelijke aandacht vereisen.
Hij verwijst naar artikel 23 van de Grondwet: naast de vrijheid van onderwijs legt dat artikel ook een taak voor de overheid vast om voor kwaliteit te zorgen. In de praktijk komt die verantwoordelijkheid echter weinig aan bod; het publieke debat richt zich liever op vrijheid en innovatie dan op kwaliteitsborging. David Roelofs noemde deze tegenstelling een nieuwe schoolstrijd: rationele, bewezen methoden versus romantische onderwijsvisies die vaak technologische beloften omarmen.
Van Doezum waarschuwt dat vertrouwen op technologie zonder eerst het fundament te herstellen leidt tot een luchtkasteel: mooie plannen en slimme tools vullen geen gaten in lees-, reken- en kennisvaardigheden. Hij roept op tot een andere insteek in het onderwijsdebat — een nationale discussie die verantwoordelijkheid en kwaliteit centraal stelt, met heldere politieke aandacht en snelle maatregelen in plaats van wegkijken. Alleen zo, stelt hij, kan het onderwijs weer een stevig onderhuis krijgen waarop innovatie zinnig kan voortbouwen.