Stuur me niet naar huis | column Irma van Steijn
In dit artikel:
Els, 58, werkt bij een overheidsinstelling en is door haar manager verwezen omdat men vermoedde dat ze overspannen is. Ze ervaart haar baan als zinvol, geeft structuur en doet het werk goed, maar het afgelopen halfjaar heeft ze vaker verkoudheden, hoofdpijn en slecht slapen. Thuis speelt veel: een scheiding, mantelzorg voor een dementerende vader en onafgehandelde zaken na de dood van haar moeder. Hoewel collega’s en de manager haar adviseren tijdelijk ziek te melden, verzet Els zich: “Ik werk graag en van thuis zitten wordt het heus niet beter.”
GZ-psychologen Froukje Jackson (Groningen) en Irma van Steijn (Leeuwarden) gebruiken dit casus in hun column om te laten zien dat blijven werken herstel kan ondersteunen. De therapeutische aanpak richtte zich niet op stoppen met werken, maar op het beter omgaan met privéstress en zelfzorg: slaapgewoonten aanpassen, minder alcohol, ontspanningsoefeningen en het helder bespreken van aannames. Zo bleek dat Els’ verwachting dat haar broer niet zou willen helpen onjuist was; het gesprek gaf beide partijen ruimte en betekenis.
Ook de manager zat met een verkeerde aanname: ziek melden werd goed bedoeld als rust, maar maakte Els juist het gevoel dat ze niet van belang was. Door de manager uit te nodigen voor een gesprek ontstond er begrip en een praktische oplossing: Els gaat (weer) aan het werk, met de mogelijkheid om taken te delegeren wanneer nodig.
Belangrijkere les: werk kan onderdeel zijn van herstel; weldoordachte steun en betere communicatie tussen werknemer en leidinggevende kunnen voorkomen dat goedbedoelde adviezen averechts werken.