Stichting krijgt forse boete voor kap van te veel bomen rond Belvedère-toren in Oranjewoud: 'Alles draait om die schets'
In dit artikel:
Stichting Belvedère Oranjewoud stond donderdag voor de economische politierechter in Leeuwarden wegens de ingrijpende kap rond de uitkijktoren Belvedère op de Berg van Brongerga in Parklandschap Oranjewoud. De kap, die ruim een jaar eerder tot opschudding bij omwonenden en erfgoedinstanties leidde omdat de toren plots op een kale heuvel kwam te staan, maakte deel uit van een renovatie om de heuvel op te hogen, opnieuw te beplanten en de fundering van de meer dan honderd jaar oude toren te beschermen tegen verzakking door erosie.
Het oorspronkelijke plan, dat vrijwel alle zeventien bomen op de berg zou verwijderen, werd door gemeente Heerenveen aanvankelijk afgewezen. De stichting paste het ontwerp aan en kreeg toestemming onder de voorwaarde dat zij vooraf een verplichte kapmelding bij de provincie Fryslân zou doen. Volgens het Openbaar Ministerie kwam de feitelijke kap echter niet overeen met die melding: milieuorganisatie FUMO maakte na klachten een proces-verbaal op. Cruciaal was een bijgevoegde schets bij de kapmelding waarop stond welke bomen wel en niet gerooid mochten worden; de provincie zou slechts instemming hebben gegeven voor het verwijderen van een deel van de houtopstand, niet voor de complete kaalslag.
De stichting voerde in de rechtszaal aan dat de schets bedoeld was als voorlopig uitgangspunt, dat veel bomen in slechte staat verkeerden (volgens bureau Historisch Groenbeheer) en dat het laten staan van die bomen het ophogen van de heuvel zou belemmeren. Ook speelden langdurige vertragingen door onderzoeken naar beschermde soorten en subsidietermijnen, zo stelde zij.
Het Openbaar Ministerie beschuldigde de stichting van het op eigen houtje doorslaan en misleidend handelen. De politierechter wees dat verwijt van opzet af: uit het dossier bleek geen moedwilligheid en hij geloofde dat de stichting naar eer en geweten handelde. Wel stelde de rechter vast dat provincie en gemeente in delen langs elkaar heen hebben gewerkt en dat de stichting ondanks waarschuwingen te voortvarend was opgetreden, wat de situatie onnodig deed escaleren. In plaats van de door het OM geëiste 8.000 euro legde de rechter een boete van 2.000 euro op. De stichting meldde intussen dat er acht nieuwe bomen zijn geplant en dat het herstel er “prachtig” bijligt.
De zaak laat zien hoe de wensen om een monument te redden, regels voor kapmeldingen en verschillende overheidsrollen kunnen botsen — vooral als tijdsdruk door financiering toeneemt.