Stichting Dier in Nood ruimt bijna 30 dode zwanen in één weekend in Noord-Friesland. 'Wanneer houdt dit op?'
In dit artikel:
Vrijwilligers van stichting Dier in Nood in Noord‑Friesland hebben de afgelopen dagen niet zozeer dieren gered maar vooral opgeruimd: vooral zwanen die vermoedelijk aan vogelgriep lijden. Vrijwilliger en dierenambulancemedewerker Rinaldo Korst zegt dat zijn team afgelopen weekend alleen al 28 zwanen moest ophalen uit weilanden en polders rond plaatsen als Aldwâld, Bitgummole, Ingelum en omgeving van Menaam. Een aantal vogels was al overleden, andere verkeerden in zo’n slechte staat dat een dierenarts ze moest laten inslapen; enkele kadavers zijn naar het Dutch Wildlife Health Centre in Utrecht gestuurd voor nader onderzoek.
De ziekte lijkt zich vooral onder zwanen te tonen en gaat vaak gepaard met neurologische verschijnselen: krampen, trekkende halzen en strompelen over de vlakte. Korst vindt het zorgwekkend dat veel vogels uit dezelfde groep tegelijk ernstig ziek worden en zegt dat ogenschijnlijk gezonde vogels de volgende dag al dood kunnen liggen. Om verdere verspreiding te voorkomen en te vermijden dat aaseters zich aan besmet kadaver tegoed doen, is het ruimingswerk volgens hem noodzakelijk.
Korst benadrukt dat particulieren niet zelf verzwakte of zieke watervogels moeten oppakken: “Blijf eraf,” zegt hij, en bel de instanties. De dierenambulance probeert een ‘schone’ wagen beschikbaar te houden voor reguliere hulpverlening, maar de druk door de uitbraak dwingt soms tot triage. Zo kan een hulpbaar haasje voorrang krijgen op een gans die waarschijnlijk toch niet te redden is — pijnlijke keuzes voor de vrijwilligers.
De situatie raakt de ploeg emotioneel; Korst spreekt van donkere tijden en vraagt zich vertwijfeld af: “Wanneer houdt dit op?” Hoewel vogelgriep in voorgaande jaren ook bij wilde vogels opdook, is de massale uitval onder zwanen in één gebied nieuw voor hem. Hij hoopt dat de uitbraak snel indamt zodat Dier in Nood weer kan terugkeren naar reddingswerk in plaats van louter ruimingswerk. Als lichtpuntje noemt hij dat het team recent nog vier gezonde zwanen kon vrijlaten — dat is het werk waarvoor ze het uiteindelijk doen.