Rozen verwelken, maar met deze verzorgingstips van tuinman Martin níet
In dit artikel:
Tuinman Martin Knol geeft praktische tips om rozen in maart weer op kracht te brengen: snoeien en bemesten zijn dan de belangrijkste klusjes. Volgens hem zijn moderne rozenrassen veel minder veeleisend dan vroeger: ze bloeien langer, vragen minder onderhoud en zijn minder gevoelig voor ziekten zoals meeldauw en blackspot. Als een struik het toch slecht doet, ligt dat vaak aan te weinig voeding, tocht of verkeerde vochthuishouding.
Snoeien begint zodra de winter echt voorbij is, maar wacht met rigoureus knippen als de struik al vroeg begint uit te lopen. Voor kleinbloemige (tros)rozen laat je vijf à zes knoppen staan, waarbij de buitenste knop moet wijzen; de rest gaat weg. Grote bloemrozen krijgen juist weinig knoppen (inkorten tot twee of drie knoppen) zodat de tak de zware bloemen kan dragen. Verwijder eerst dood hout en wilde scheuten. Rozen op eigen wortel zijn eenvoudiger: die kun je met de heggenschaar terugsnoeien zonder knoppen te tellen—daarom zie je zulke rassen veel in openbaar groen.
Voeding is cruciaal: bloemetjes maken kost veel energie. Bemest bij het snoeien met organische mest (paardenmest, stalmest, rozengrond, koemestkorrels of speciale rozenmest). Organische mest werkt langdurig; toedienen in maart en nogmaals in augustus volstaat meestal. Gebruik geen compost. Rond de langste dag (ongeveer 21 juni) kun je bijmesten als de roos last krijgt van meeldauw —extra voeding helpt herstel.
Martin noemt ook praktische keuzetips: er zijn duizenden rozenrassen, maar tuincentra tonen vaak slechts een beperkte selectie. Voor schaduwrijke plekken zijn klimrozen zoals Dortmund of Madame Alfred Carrière geschikt. Wie zoekt naar rozen die bottels geven voor vogels, kan denken aan Mme Grégoire Staechelin (bottels als mandarijntjes), Pendulina Bourgogne, Guirlande d’Amour of Zepherine Drouhin. Met goed snoeien en regelmatig bemesten belonen rozen de tuinier vaak met overvloedige, geurige bloemen.