'Ridder' Yolt (75) uit Aldeboarn was verbinder pur sang. 'Hij sprong eruit'
In dit artikel:
Yolt IJzerman (75) uit Aldeboarn werd herdacht op 17 mei op Stania State in Oentsjerk met een ingetogen, door hemzelf voorbereid afscheid: hij zette zijn eigen overlijdensadvertentie en liet een digitale rouwkaart rondgaan met het Friese landschap. Er stond geen kist; hij schonk zijn lichaam aan de wetenschap — passend bij een leven dat volledig in het teken van kennisverwerving stond, zoals medewerkers van Staatsbosbeheer en vrienden opmerken.
IJzerman, geboren als Ayolt Johannes in Amsterdam, groeide op in Wassenaar en Haren en ontwikkelde als kind een levenslange fascinatie voor molens en natuur. Op zevenjarige leeftijd werd hij het jongste lid van De Hollandsche Molen en later combineerde hij een veertigjarige loopbaan bij Staatsbosbeheer met talloze vrijwillige functies in natuur- en cultuurorganisaties. Hij werkte als ecoloog, molinoloog en cultuurhistoricus, kwam in het managementteam van Staatsbosbeheer Fryslân en vervulde leidende rollen bij onder meer It Gild Fryske Mounders, It Fryske Gea, de Bekenstichting en de Hoogstambrigade. Internationaal speelde hij een belangrijke rol in TIMS (The International Molinological Society), waarvan hij vanaf 1993 voorzitter was en symposia organiseerde in onder meer Wales, Hongarije, Roemenië en de Verenigde Staten. Over molens zei hij eens: “De molen is de spiegel van de maatschappij en van de aarde.”
Persoonlijk stond IJzerman bekend als zelfstandig en soms onverbiddelijk, maar oprecht en geliefd bij vele collega’s en vrienden. De rouwadvertentie noemde hem ‘alleengaand’: hij had geen directe familie meer, maar was altijd omringd door ‘aardige en inspirerende mensen’. Hij sprak Fries, maakte notities in het Fries en wist belanghebbenden met verschillende belangen bij elkaar te brengen. Zijn sociale leven was eigenzinnig: elke vijf jaar organiseerde hij een uitgebreide verjaardag, hij kookte met vergeten groenten en nam geen blad voor de mond.
Tegelijk was hij een man van daadkracht en avontuur: hij reisde vaak met zijn Honda Goldwing en nam steevast een asielhondje mee — in totaal zeven; de laatste heette Floris. IJzerman had meerdere ernstige ongevallen (van motorpech tot valpartijen) en kreeg de opmerking dat hij “meer ijzer in zijn lichaam had dan botten”; desondanks bleef hij actief, vergaderde zelfs tijdens revalidatie en zette zijn projecten voort. In maart 2025 deelde hij mee dat het niet lang meer zou duren, herstelde daarna tijdelijk met zuurstofondersteuning en werd in juni 2025 geridderd voor zijn decennialange inzet.
Zijn wens voor euthanasie werd niet uitgevoerd; uiteindelijk kreeg de natuur het laatste woord. Door zijn lichaam beschikbaar te stellen aan de wetenschap blijft zijn bijdrage aan kennis en natuurbehoud op bijzondere wijze doorwerken.