Rechter heft schorsing van ambtenaar Heerenveen op, ook al waren er ongepaste appjes aan vluchtelingen
In dit artikel:
De gemeente Heerenveen heeft een ambtenaar onterecht geschorst, oordeelde de kantonrechter. De man, sinds 2014 in dienst en eerder locatiehoofd bij de opvang van Oekraïners, werd op 16 september 2025 van zijn werk ontheven na meldingen over ongewenst gedrag richting collega’s. De gemeente schakelde onderzoeksbureau BING in om de klachten te onderzoeken.
BING doorzocht 48 WhatsApp‑gesprekken met 43 verschillende contacten; bij zeven daarvan vonden de onderzoekers opvallende inhoud, onder meer berichten met dubbelzinnige toon, knipogen, een hand op de schouder en opmerkingen over Oekraïense vrouwen. Eén melder wilde niet herleidbaar zijn, waardoor die verklaring niet in de onderzoeksconclusies kon worden meegenomen.
De ambtenaar stapte twee weken geleden naar de kantonrechter om de schorsing te laten opheffen en weer aan het werk te mogen, mits arbeidsgeschikt. De rechter erkent dat onderzoek naar meldingen gerechtvaardigd was, maar vond het onbegrijpelijk dat de gemeente direct tot schorsing overging. Omdat BING niet kon vaststellen dat de man jegens twee collega’s grensoverschrijdend had gehandeld — mede doordat één melding anoniem bleef — had de gemeente terughoudend moeten zijn. Het enkele feit van ongepaste WhatsApp‑berichten rechtvaardigt volgens de rechter geen langdurige schorsing zonder nadere onderbouwing of toelichting.
De schorsing is opgeheven; zodra de medewerker arbeidsgeschikt is en het spreekuur bij de bedrijfsarts heeft doorlopen, moet hij terugkeren op de werkvloer. De gemeente moet haar personeel binnen 24 uur informeren dat de schorsing onterecht was en betaalt de proceskosten van circa €1.200. Concreet laat de uitspraak zien dat werkgevers zorgvuldigheid en voldoende feiten moeten hebben voordat ze een ingrijpende maatregel als schorsing toepassen, zeker wanneer onderzoeksresultaten beperkt of deels niet‑verifieerbaar zijn.