Rasverteller Jan van Aken over de groeiende houdgreep van het nazisme
In dit artikel:
Jan van Aken, bekend van omvangrijke historische romans, verlegt in Monsterzicht het toneel naar het Europa van de jaren dertig, wanneer psychoanalyse opgang maakt en het nazisme alledaags wordt. De roman volgt geneeskundestudent Victor, wiens fascinatie voor de onbewuste drijfveren hem in 1937 naar Heidelberg brengt om zich in de psychoanalyse te verdiepen. Daar ontmoet hij de gedreven en verleidelijke Venera Kirsch, raakt betrokken bij intellectuele kringlopen en zoekt aansluiting bij figuren als Karl Jaspers, maar botst al snel op de politieke verdringing van het individuele gedachtegoed: de nazistische ideologie eist opgave aan het collectief.
De vertelling schakelt tussen die Duitse periode en Victor’s werk vanaf 1939 als assistent-psychiater in een katholieke inrichting in Nederland. In de kliniek prijkt streng moraalbegrip en heerst een atmosfeer van ritueel schoonmaken en ingetogen religiositeit. Victor weigert mee te werken aan dubieuze insulinekuren die patiënten het leven kosten, maar raakt tegelijk persoonlijk verwikkeld met Lena, een jonge patiënte die sinds het overlijden van haar moeder dubbelzichtigheid ervaart: sommige mensen ziet ze deels als normale gezichten, deels als monsterlijk. Wanneer een aanval van Lena en het gerucht van een seksuele lading rond zijn behandeling op gang komen, escaleert zijn situatie juist op het moment dat de mobilisatie en Duitsland’s inval in Polen zijn terugkeer bemoeilijken.
Van Aken weeft psychoanalyse, katholieke zeden en de opkomst van het nazisme tot een meerlagig verhaal over macht, ethiek en de duistere kanten van de ziel. De roman stelt voortdurend de vraag wie werkelijk monsterlijk is: degene met innerlijke verschijningen of de systemen die menselijke autonomie ondermijnen. Monsterzicht, Querido, €27,99.