Rammelende winkelkarretjes en kerkklokken op dezelfde dag, ik wist niet wat ik hoorde | column Wieberen Elverdink

vrijdag, 27 maart 2026 (17:43) - Leeuwarder Courant

In dit artikel:

Op een zondagmiddag loopt journalist Wieberen Elverdink (44) door zijn dorp in het Noorden achter een geleend verticuteermachientje, inwendig worstelend met het gevoel dat hij iets doet wat eigenlijk niet hoort op de dag des Heren. Hij heeft een beperkte route uitgezet: achter het muurtje, langs het terras, om de eik, naar de overkapping en weer terug — niet tot vóór het huis, niet in het volle zicht van buren die de zondagsrust hoog houden. De metalen pinnen graven zich gretig in het met mos overwoekerde gazon; het geluid draagt met de noordenwind en voelt tegelijk als overlast en als teken van verandering.

Elverdink vergelijkt de huidige situatie met zijn jeugd dertig jaar eerder, toen het dorp op zondag stil was: geen machines, geen klussen, zelfs niet opvallend buiten drogende was. Buitenspelen mocht, maar zich uitsloven niet; alle gedrag werd in de gaten gehouden door een sterke christelijke moraal. Sindsdien is het dorp veranderd: forensen en nieuwe bewoners hebben bijgedragen aan ontzuiling en versoepeling van regels. Keuzes zoals schoolkeuze werden minder door kerkelijke gezindte bepaald; winkels openden op zondagen; de openbare stilte slonk.

Het stuk gaat over het kleine, alledaagse dilemma rond zondagsrust als spiegel van grotere maatschappelijke verschuivingen. Het geluid van de verticuteermachine symboliseert voor de schrijver zowel ongemak tegenover traditie als onmiskenbaar voortgaan van een nieuwe tijd waarin oude taboes afbrokkelen en individuele gewoonten zichtbaarder worden — soms onvermijdelijk, soms heimelijk, en altijd onderwerp van sociale afwegingen.