Psycholoog Melissa uit Leeuwarden gebruikt dode vlinders voor therapie tegen vlinderangst

woensdag, 10 juni 2026 (14:26) - Leeuwarder Courant

In dit artikel:

In dierenpark Wildlands in Emmen zijn dode vlinders beschikbaar gesteld voor therapeutisch gebruik bij kinderen en jongeren die een sterke angst voor vlinders en motten hebben. Psycholoog Melissa Alkema uit Leeuwarden vroeg het park om exemplaren te mogen meenemen voor haar behandeling; Wildlands ging akkoord tegen strikte voorwaarden omdat het om een hulpverleningstoepassing gaat en niet om handel.

Het park leverde twee vlinderlijkjes: een passiebloemvlinder en een nachtvlinder. Voor therapie heeft een dode vlinder het voordeel dat hij stilzit; veel patiënten reageren vooral op de onvoorspelbare, fladderende bewegingen. In de behandeling worden cliënten geleidelijk blootgesteld—eerst via verbeelding, daarna met beelden en uiteindelijk met echte exemplaren—waardoor angst stap voor stap kan verminderen. De specifieke fobie heet lepidopterofobie; hoeveel mensen er precies last van hebben is niet bekend.

Wildlands vindt het bijzonder genoeg om een uitzondering te maken; normaal geeft het park geen diermateriaal weg omdat men geen handel in dieren wil stimuleren. Meestal belanden dode vlinders in de groencontainer of dienen ze als voer voor vogels. Andere overleden dieren worden door een destructiebedrijf vernietigd, ingezet als leeuwenvoer (als er geen medicijnen in zitten) of voor autopsie en wetenschappelijk onderzoek naar de faculteit diergeneeskunde in Utrecht. Als dingen voor educatie bewaard blijven—zoals een geprepareerde ijsbeerpoot—gebeurt dat onder strenge regels en met bijbehorende documentatie.

Wildlands zegt dat er dagelijks ongeveer vijftig dode vlinders liggen, maar veel exemplaren zijn beschadigd en minder geschikt voor therapeutisch gebruik; of het park vaker vlinders zal leveren, is nog onduidelijk.