Provincie ziet nog aanknopingspunten in coalitieakkoord voor Lelylijn, ondanks dat akkoord erover zwijgt
In dit artikel:
De provincie Fryslân ziet mogelijkheden om de Lelylijn toch voort te zetten, ondanks dat het vrijdag gepresenteerde coalitieakkoord van D66, VVD en CDA de spoorverbinding van Amsterdam naar Groningen (via Heerenveen en Drachten) niet benoemt. Gedeputeerde Matthijs de Vries wijst erop dat het akkoord wel stelt dat infrastructuur bijdraagt aan woningbouw en regionale economische groei, en wil dat gebruiken om het project op de agenda te houden.
Het akkoord reserveert geen geld voor verder onderzoek; eerder trok het kabinet-Schoof miljoenen uit het daarvoor bestemde potje weg voor de ontwikkeling van de alternatieve Nedersaksenlijn in Noord-Nederland. Als tegenwicht verwijst De Vries naar het financieringsadvies van oud-DNB-voorzitter Klaas Knot, dat donderdag opriep jaarlijks 400 miljoen euro te reserveren voor de Lelylijn. Met dat advies wil het provinciebestuur het gesprek zoeken met het nieuwe kabinet en de Tweede Kamer.
Fryslân pleit vooral voor een MIRT-verkenning: een diepgaander haalbaarheidsonderzoek naar grote infrastructuurprojecten dat de effecten voor bewoners en natuur in kaart brengt. Normaal gesproken mag zo’n verkenning pas starten als circa 75 procent van de financiering zeker is, een voorwaarde die voor de Lelylijn nog niet vervuld is.
Het college zegt positief te staan tegenover het voornemen van het nieuwe kabinet om nauwer samen te werken met regio’s en biedt zich aan om constructief mee te denken en mee te werken aan vervolgstappen.