Premier Rob Jetten zou Lelylijn 'fantastisch' vinden, maar doet geen beloftes
In dit artikel:
Premier Rob Jetten sprak dinsdag in Den Haag tijdens de netwerkbijeenkomst Noord in Nieuwspoort met bestuurders en ondernemers uit Fryslân, Groningen en Drenthe over de toekomst van de Lelylijn. Als oud-regiomanager bij ProRail benadrukte hij zijn persoonlijke betrokkenheid bij de noordelijke spoorlijnen, maar maakte hij geen nieuwe financiële toezeggingen: concrete besluiten liggen bij het hele kabinet en hij wil geen voortijdige beloftes doen.
Politiek en financieel staat het project onder druk. Van de oorspronkelijke middelen is na eerdere ingrepen door het vorige kabinet nog circa 650 miljoen euro over, terwijl de totale kosten op ongeveer 14,5 miljard euro worden geschat. Dat verklaart de terughoudendheid in Den Haag en de eis van staatssecretaris Annet Bertram dat eerst duidelijkheid moet zijn over ten minste 75 procent van de financiering voordat een MIRT-verkenning wordt gestart. (Een MIRT-verkenning is een uitgebreide verkenning binnen het meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport.)
Eind januari presenteerde gezant Klaas Knot een advies waarin onder meer wordt voorgesteld jaarlijks 400 miljoen euro opzij te zetten om het project haalbaarder te maken. Jetten zei het advies serieus te nemen en dat een kabinetsreactie de komende maanden wordt verwacht, maar hij wilde niet toezeggen dat dit automatisch tot uitvoering leidt omdat het kabinet daarin unaniem moet zijn.
Vanuit het Noorden klonk frustratie over jaren van vertraging en telkens nieuwe politieke wendingen. Commissaris van de Koning Arno Brok, voorzitter van SNN, riep Jetten op het jarenlange talmen te doorbreken en de Lelylijn te realiseren. Kamerleden van verschillende partijen discussieerden recent ook over het versnellen van voorbereidingen: Habtamu de Hoop (PRO) pleitte samen met BBB, JA21 en PvdD voor direct sparen van 400 miljoen per jaar en voor het starten van een MIRT-verkenning.
Coalitiefracties D66 en CDA, beide eerder voorstanders van de Lelylijn, vonden die stap te voorbarig en willen eerst de kabinetsreactie afwachten. Staatssecretaris Bertram beloofde die reactie rond de zomer; de Kamer debatteert op 3 juni verder over de kwestie.
Jetten onderstreepte dat de Lelylijn past bij bredere Noordelijke ambities: vervoer van mensen en goederen is nodig voor woningbouw, energiesector en maakindustrie in het Noorden en voor de bijdrage van de regio aan de economie van Noordwest-Europa. Toch blijft het kabinet voorlopig voorzichtig: ambitie is aanwezig, maar politieke en financiële haalbaarheid bepalen het vervolg.