Partijen in gemeenteraad moeten hun plannen beter verantwoorden

dinsdag, 10 februari 2026 (06:43) - Friesch Dagblad

In dit artikel:

De rekenkamer van Noardeast-Fryslân waarschuwt dat gemeenteraden na de gemeenteraadsverkiezingen van 18 maart vaak niet kunnen vaststellen of hun plannen effect hebben gehad. Bij het vormgeven van coalities en het opstellen van een raadsagenda worden ambities meestal in algemene termen vastgelegd, zonder concrete meetpunten, financiële kaders of duidelijke afspraken over uitvoering en verantwoording. Daardoor ontbreekt inzicht in of en hoe ingezette publieke middelen daadwerkelijk nut en doelmatigheid opleveren.

Volgens hoogleraar Maarten Allers (RUG/COELO) is dit probleem niet uniek voor Noardeast-Fryslân: veel gemeenten hebben geen praktische methoden om te bepalen of beleid de veronderstelde veranderingen veroorzaakt. Gemeenten werken vaak met ‘best practices’, maar die leveren niet de wetenschappelijke zekerheid op die nodig is om causale effecten aan te tonen. Bovendien zijn grondige evaluaties (bijvoorbeeld uitgebreide enquêtes) kostbaar en daarom meestal alleen haalbaar bij grote dossiers. Onvoorziene gebeurtenissen zoals corona, de opvang van Oekraïense vluchtelingen en wetten zoals de Spreidingswet maken het meten van resultaten extra complex.

Voorzitter Ico van Slooten van de rekenkamer benadrukt dat de raad zelf grip moet houden op wat er in het coalitieakkoord wordt beloofd, van formatie tot uitvoering. De rekenkamer adviseert raadsfracties om bij het begin van de bestuursperiode een raadsbrede agenda vast te stellen, vooraf financiële kaders te definiëren en expliciet vast te leggen hoe en wanneer het college verantwoording aflegt over uitvoering en effecten. Dergelijke spelregels zouden het voor raadsleden en inwoners beter mogelijk maken de voortgang en resultaten te volgen.

Kort samengevat: zonder vooraf concrete doelen, meetmethoden en financiële grenzen ontbreekt de mogelijkheid om te controleren of gemeentelijk beleid effectief en doelmatig is. De rekenkamer roept op tot strakkere afspraken en meer systematische monitoring, iets dat volgens deskundigen op alle gemeenten van toepassing zou moeten zijn.