Opzijgeschoven projectleider snapt weinig van paniek op Terschelling. 'Het niveau hier is Swiebertje'
In dit artikel:
Wim van Schoonhoven, voormalig hoofd financiën van Terschelling en tot vorig jaar projectleider van de havenrenovatie, hekelt de publieke beeldvorming rond de staat van de Willem Barentszkade en het veerhaventerrein. In zijn woonplaats Baaiduinen — waar hij nu als 61‑jarige hobbyboer leeft — stelt hij dat het grootste deel van het acute probleem met een investering van zo’n acht à negen miljoen euro al in 2023 opgelost had kunnen worden, als niet voortdurende politieke bemoeienis en interne machtsstrijd het project hadden gefrustreerd.
De kern van Van Schoonhovens verhaal: na een rumoerige raadsvergadering op 10 mei 2023 stond een krediet van 15 miljoen euro klaar, maar de raad wijzigde het besluit en eiste eerst extra schetsen en een effectrapport, voordat aanbesteding kon plaatsvinden. Daags daarna stuurde Van Schoonhoven een acht pagina’s tellende brandbrief aan het college, waarin hij waarschuwde dat de projectorganisatie door de onveilige werksfeer niet kon functioneren. Zijn brief leidde tot verontwaardiging bij wethouder en gemeente-secretariaat; de situatie escaleerde, hij vertrok en het project kwam bijna een jaar stil te liggen. Een rechtszaak is in januari van dit jaar geschikt; in het voorjaar van 2024 werd een nieuwe projectorganisatie gestart.
Van Schoonhoven somt vier hoofdproblemen op: (1) de gemeenteraad bemoeide zich tot op technisch detailniveau; (2) zwakke betrokkenheid en prioritering vanuit het college; (3) onvoldoende steun en besluitkracht van de ambtelijke organisatie, met name de gemeentesecretaris; en (4) gebrekkige faciliteiten voor het projectteam. Hij beschrijft de werksfeer als onveilig, met schofferingen en openlijk geschreeuw tijdens vergaderingen. Hij benadrukt dat technische deskundigen — onder wie adviseurs van de provincie en het Havenbedrijf Rotterdam — destijds aangaven dat een volledige renovatie van de kade haalbaar was binnen het beschikbare budget.
Vanuit zijn perspectief is de huidige mediastand en het beroep op Den Haag voor forse miljoenen aan extra geld (gemeld: 45–50 miljoen) overtrokken en deels theater. Hij verwijst naar sensoren die zijn team had geplaatst op de kademuur, waaruit volgens hem geen beweging bleek die onmiddellijke paniek zou rechtvaardigen. Tegelijk erkent hij dat onderhoud decennialang achterwege bleef en dat herstelwerk nodig is.
Historisch: in 2006 nam de gemeente het beheer van delen van de haven over van Rijkswaterstaat, tegen een afkoopsom van ruim acht ton, getoetst door externe ingenieurs. Rijkswaterstaat vernieuwde later haar eigen deel van het veerhaventerrein en leverde dat in de zomer van 2025 op, aldus Van Schoonhoven.
De gemeente Terschelling reageert dat zijn beeld gebaseerd is op een fase die voorbij is. Sinds begin 2024 werkt een nieuw, gespecialiseerd projectteam op basis van recente onafhankelijke onderzoeken en herijkingen. Deze analyses zouden breed worden gedragen binnen bestuur en gemeenschap; op grond daarvan zijn er al tijdelijke maatregelen genomen om veiligheid te waarborgen. De gemeente benadrukt dat het vraagstuk zich al jaren ontwikkelt (adviespunten uit 2005 en 2018 worden genoemd) en dat een gedegen technische doorlichting noodzakelijke basis is voor verdere stappen. Ook lopen gesprekken met provincie en Rijk over medefinanciering.
Kortom: Van Schoonhoven wijst bestuurlijk gekrakeel, gebrek aan steun en jarenlange achterstallige onderhoud aan als oorzaak van vertraging en overdreven mediapessimisme, terwijl de gemeente aangeeft dat de situatie inmiddels opnieuw en professioneel is beoordeeld en dat de huidige aanpak zorgvuldig en breed gedragen is. De haven blijft cruciaal voor de bereikbaarheid van Terschelling, en beide kanten noemen samenwerking met hogere overheden onmisbaar voor een structurele oplossing.