Ook 20 procent werktijd aan boekhouden besteden, is voor een zorgmedewerker nog heel veel
In dit artikel:
Minister Mirjam Sterk (Langdurige Zorg, Jeugd en Sport) waarschuwt dat de Nederlandse zorgsector klem zit tussen hoge werkdruk, grote regeldruk en oplopend langdurig ziekteverzuim. Uit haar brief aan de Kamer blijkt dat werken in de zorg weliswaar veel voldoening geeft – ongeveer negen op de tien werknemers vindt het zinvol en driekwart waardeert de teamsfeer – maar dat andere cijfers zorgelijk zijn. Waar het verzuim in 2019 rond 6 procent lag, meldt het CBS dat het deze lente in de zorg gemiddeld 8,1 procent was, bijna twee keer zo hoog als het landelijk gemiddelde. Veel van de extra uitval betreft langdurig verzuim door psychische klachten.
Sterk wijst op diverse lopende beleidsmaatregelen en nationale akkoorden, maar stelt ook dat daarvan nog weinig effect zichtbaar is. Een belangrijke oorzaak is de administratieve last: zorgmedewerkers besteden circa 30 procent van hun tijd aan administratie en moeten volgens de minister terug naar ongeveer 20 procent, zodat er meer tijd overblijft voor patiëntenzorg. Volgens het stuk is meer professionele handelingsvrijheid essentieel: zorg vereist maatwerk en contact, niet alleen strak voorgeschreven handelingen of minutenregistratie. Als voorbeeld wordt Buurtzorg genoemd, dat sinds 2006 kleine, zelfsturende teams inzet om bureaucratie te omzeilen en focus op de cliënt te houden.
De noodzaak is urgent: de overheid verwacht binnen tien jaar een tekort van meer dan 300.000 zorgverleners. Om instroom te stimuleren en uitstroom en uitval te beperken pleit Sterk voor minder regels en meer ruimte voor professionals, zodat vakinhoud en werkplezier weer centraal komen te staan.