Onvoorstelbaar dat Nederland vrouwen terugstuurt naar Afghanistan | opinie
In dit artikel:
Fatima, 25 en woonachtig in Kaboel, staat symbool voor de vergaande inperking van vrouwenrechten sinds de machtsovername door de Taliban: haar universiteit sloot, haar baan als boekverkoper verdween en haar bloggen werd veroordeeld als verboden. De Poolse organisatie Refocus zet met de campagne Voices of Afghan Women in op tegenkracht: ze wil vijftig Afghaanse vrouwen trainen in video, geluid, fotografie, storytelling, montage en grafisch ontwerp—vaardigheden die het leren en verhalen vertellen als stille vorm van verzet versterken.
Tegelijkertijd heeft de Nederlandse Immigratie- en Naturalisatiedienst recent besloten drie Afghaanse vrouwen uit te zetten, omdat zij volgens de IND onvoldoende aannemelijk maakten dat ze zich niet kunnen schikken naar Talibanregels of daardoor in ernstig gevaar zouden verkeren. Die beslissing botst met het ministerie van Buitenlandse Zaken, dat juist een internationale procedure tegen Afghanistan startte wegens schending van het VN‑Vrouwenverdrag, en met een uitspraak van het Europees Hof van Justitie uit 2024 dat het terugsturen van vrouwen naar Afghanistan verbiedt.
Het artikel waarschuwt verder voor de groeiende bedreiging van mensenhandel: de Verenigde Naties schatten zo’n 50 miljoen slachtoffers wereldwijd, waarbij criminele netwerken steeds vaker AI, vertaaltools, nepbeelden en chatbots inzetten om slachtoffers te lokken. Op de Dag van de Mensenrechten roept de auteur de Nederlandse regering op om de symbolische gebaren om te zetten in een daadkrachtig mensenrechtenbeleid. Het stuk is geschreven door Harry Prins van kenniscentrum Tûmba.