Oekraïne kreeg alsnog het Europese vertrouwen rond eigen lege kas

woensdag, 31 december 2026 (16:29) - Friesch Dagblad

In dit artikel:

In de late uren van de Europese Raad op 18–19 december nam de EU een onverwachte koerswijziging die volgens de auteur meer betekende dan alleen financiële hulp: het herstelde de geloofwaardigheid van de Unie tegenover Oekraïne. Journalisten en analisten bespraken de interne machtsstrijd — met een ogenschijnlijk zekere Duitse positie en een politiek verzwakte Franse partner — maar de schrijver wijst erop dat er inhoudelijk veel meer op het spel stond dan de geadresseerde 90 miljard euro die Oekraïne de komende twee jaar nodig heeft.

De discussie ging niet alleen over wát Europa betaalt, maar over of de EU werkelijk iets waard is in haar bewezen vriendschap met Oekraïne. Kritische vragen waren of zulke bedragen überhaupt uit Europese bronnen te dekken zijn en of lidstaten bereid zijn het draagvlak te tonen. Ter illustratie rekent de tekst door wat het voor Nederland zou betekenen: een geraamde Nederlandse bijdrage van circa 10–13 miljard euro over twee jaar tegenover een recent DNB-cijfer dat voorspelt dat de Nederlandse economie in 2025 structureel 0,6–0,7 procent hoger uitvalt — goed voor ongeveer 12–14 miljard euro extra inkomsten. Conclusie: financieel hoeft dit geen offer van bestaansniveau te vragen.

Belangrijker dan het geld was het politieke signaal. Door de abrupt genomen beslissing toonde de EU dat zij beslissingen kan nemen en zich niet volledig afhankelijk hoeft te voelen van de Verenigde Staten — een verwijzing naar wat de auteur omschrijft als een “verraad” van de VS, omdat die zich minder als steunpilaar voor Europese samenhang zouden gedragen dan in het verleden (vergelijkbaar met de rol van de VS tijdens de Marshallhulp). De schrijver plaatst dit tegen de achtergrond van Jean‑Claude Junckers pleidooi (2017) dat Europa zelfstandiger moet worden nu het relatieve aandeel in wereldbevolking en economie krimpt.

Ook op defensiegebied blijken vorderingen: de EU werkt nauwer samen met Oekraïne en beschikt zelf over een wederzijdse hulpverbintenis in artikel 42 lid 7 van het Europese Verdrag — te vergelijken met, maar losstaand van, NAVO’s artikel 5. EU-lidmaatschap voor Oekraïne wordt daarom gepresenteerd als een belangrijke stap richting een duurzame veiligheidsgarantie, mits de Unie haar rol daadwerkelijk blijft waarmaken.

Kortom: het late compromis van december wordt voorgesteld als meer dan een financiële oplossing; het is een bewijs dat de EU wil en kan handelen als geloofwaardige partner voor Oekraïne — en dat die geloofwaardigheid cruciaal is voor Europese veiligheid en solidariteit.