Noorden komt met gezamenlijk strijdplan om IJsselmeerwater veilig te stellen
In dit artikel:
Noordelijke waterschappen bundelen hun krachten om de beschikbaarheid van IJsselmeerwater voor het Noorden veilig te stellen. Wetterskip Fryslân, samen met waterschappen in Groningen en Drenthe, vreest dat door klimaatverandering de komende decennia minder zoet rivierwater beschikbaar komt terwijl de vraag juist stijgt: hogere verdamping, minder aanvoer via Rijn en IJssel en toenemende droogte maken dat onderhoud van sloten, kanalen en bescherming tegen verzilting lastiger wordt. In droge periodes pompen de noordelijke provincies honderden miljoenen kubieke meters IJsselmeerwater naar binnen via inlaten (zoals bij Tacozijl) om te kunnen ‘spoelen’ — essentieel voor landbouw en natuur.
De waterschappen voorzien conflicterende belangen met andere regio’s, bijvoorbeeld Rotterdam, dat juist rivierwater nodig heeft om zoutindringing te bestrijden. Om hun positie te versterken willen de noordelijke waterschappen samen plannen maken om meer water vast te houden en zo minder afhankelijk te worden van IJsselmeeraanvoer.
Tegelijkertijd wordt onderzocht of een extra zeegemaal in het Lauwersmeergebied nodig is. Omdat overtollig water door hogere zeespiegel en veranderende getijden moeilijker op de Waddenzee kan worden afgevoerd, kan een zeegemaal helpen wateroverlast te voorkomen. Wetterskip Fryslân en het Groningse Noorderzijlvest doen gezamenlijk deze verkenning.
De ontwikkelingen kwamen naar buiten via de Perspectiefnota van Wetterskip Fryslân. Die nota voorziet in ongeveer 252 miljoen euro nodig voor de taken in 2027 (tegen 208 miljoen vorig jaar) en rekent op circa 5 procent hogere lasten, waardoor hogere waterschapsheffingen waarschijnlijk zijn — al dempt het waterschap de stijging deels met reservegeld. Ook meldt de nota dat de nieuwe rioolwaterzuivering in Franeker veel duurder uitvalt dan eerder gedacht: circa 118 miljoen euro door gestegen materiaalkosten, arbeid en engineering. Die installatie vervangt de sterk verouderde rwzi in Sint Annaparochie; nieuwbouw daar afzonderlijk zou nog duurder zijn.
Kortom: het Noorden bereidt zich voor op minder zoet water en zoekt zowel samenwerking als technische oplossingen, terwijl financiële en infrastructurele keuzes snel urgenter worden.