'Nog altijd te groot deel hypotheken is aflossingsvrij', waakhonden waarschuwen: risicovol voor banken én huiseigenaren

maandag, 26 januari 2026 (10:00) - Friesch Dagblad

In dit artikel:

De Nederlandsche Bank (DNB), de Europese Centrale Bank (ECB) en de Autoriteit Financiële Markten (AFM) hebben vorige week gewaarschuwd dat het aandeel aflossingsvrije hypotheken in Nederland nog te hoog is. Als directe reactie kondigt marktleider Rabobank aan de afgifte te beperken; andere geldverstrekkers, verenigd in de NVB, onderzoeken eveneens extra stappen om de risico’s te verkleinen.

Aflossingsvrije hypotheken zijn leningen waarbij tijdens de looptijd alleen rente wordt betaald en de volledige schuld pas aan het einde wordt afgelost. Dat creëert risico’s: wie tegen de einddatum geen spaargeld heeft of niet kan herfinancieren (bijvoorbeeld door pensionering of inkomensverlies) kan gedwongen worden te verkopen, met kans op restschuld als de woningwaarde is gedaald. Bovendien blijven schulden vaak langdurig hoog omdat klanten weinig extra aflossen.

In 2026 is ongeveer 45 procent van de Nederlandse hypotheekschuld aflossingsvrij; dat was ooit twee derde. Na maatregelen rond 2011 (maximaal 50% aflossingsvrij) en het afschaffen van renteaftrek voor het aflossingsvrije deel in 2013 daalde het aandeel, maar die daling stagneerde tussen 2021 en 2023 door kombi‑hypotheken en jaren van lage rente. Nu de rente weer hoger is, neemt de populariteit af, maar toezichthouders vinden 45 procent nog steeds zorgelijk.

DNB en ECB benaderen het probleem vanuit financiële stabiliteit: zij waarschuwen voor een grote groep leningen die vanaf 2035 massaal afloopt, waarvan veel vóór 2013 onder ruimere regels zijn afgesloten (ongeveer de helft van de huidige aflossingsvrije schuld). Toezichthouders vinden dat instellingen beter zicht moeten hebben op klanten (pensioenopbouw, inkomen) en op de waarde en staat van het onderpand, dat de waardering van zulke portefeuilles op de balans adequaat moet zijn en dat de rente het hogere risico moet weerspiegelen. De AFM benadrukt dat klantbelang daarbij centraal moet blijven, zodat draagkrachtige klanten niet onnodig worden benadeeld.

Rabobank scherpt per 11 mei haar beleid aan: nieuw of overgesloten hypotheekdeel mag maximaal 30 procent van de woningwaarde aflossingsvrij zijn, met een plafond van €150.000; dit geldt voor Rabobank en dochter Obvion. De bank vraagt al een opslag op de rente van aflossingsvrije hypotheken en richt zich er met de maatregel vooral op bestaande klanten waarvan de lening over tien jaar of later afloopt, met het advies nu na te rekenen en zo nodig in gesprek te gaan over oversluiten of gedeeltelijk aflossen.

De sector voert al langer campagnes (zoals ‘Word ook aflossingsblij’ sinds 2017) en individuele acties om klanten te bewegen extra af te lossen of te converteren, maar toezichthouders vinden die inspanningen onvoldoende en dringen aan op aanvullende maatregelen. De NVB bevestigt dat aanbieders onderzoeken welke stappen nodig zijn; Rabobank is voorlopig de eerste grote speler met concrete limieten.

Kort gezegd: toezichthouders willen de risicoopbouw terugdringen omdat een groot aandeel aflossingsvrije leningen de stabiliteit van banken en verzekeraars én de financiële positie van huishoudens kwetsbaar kan maken. De aangekondigde beperkingen bij Rabobank markeren een mogelijke omslag in de markt, waarbij verscherpt toezicht en aangescherpt beleid samen moeten voorkomen dat huishoudens en financiële instellingen later met grote problemen worden geconfronteerd.