Mijn tranen geven de macabere onderstroom van Tom erkenning | column Froukje Jackson

donderdag, 7 mei 2026 (14:26) - Leeuwarder Courant

In dit artikel:

De column schetst een ingetogen therapiesessie waarin de behandelaar onverwacht emotioneel wordt terwijl cliënt Tom spreekt over zijn jarenlange somberheid. Tom noemt zijn klachten poëtisch de “macabere onderstroom”: geen luidruchtige depressie, maar een sluipende, zuigende kracht die zijn leven beïnvloedt en de laatste tijd vooral spanning in zijn relatie veroorzaakt omdat zijn vriendin Amber wil samenwonen. Zijn handen in zijn schoot verraden angst; hij vreest hetzelfde te worden als zijn ouders, die vaak ruzieden en een moeder hebben gehad die langdurig somber was.

Onder begeleiding vertelt Tom voor het eerst concreet over jeugdherinneringen: het uitrekken van de terugweg van school om confrontaties thuis te vermijden, nooit vriendjes thuis kunnen uitnodigen, en een beeld van een eenzame regenachtige middag als ongeveer tienjarige. Die vroegkinderlijke ervaringen voedden het gevoel er niet bij te horen en altijd tekort te schieten. Sinds Amber is er verlichting, maar bij het perspectief van samenwonen komt oude kwetsbaarheid weer bovendrijven.

De therapeut vraagt hoe het gedeelde verhaal voelt; Tom ervaart erkenning en minder eenzaamheid en overweegt nu openheid richting Amber: samen de “onderstroom” naar boven te halen. De tekst benoemt ook de auteurs — GZ-psychologen Froukje Jackson (Groningen) en Irma van Steijn (Leeuwarden) — die roulerend anonieme casussen uit de spreekkamer beschrijven. Impliciet is de boodschap dat kwetsbaarheid en het delen van pijn in therapie ruimte kunnen scheppen voor verbinding en herstel, en dat intergenerationele patronen inzichtelijk en bespreekbaar gemaakt kunnen worden binnen relatiedynamiek.