Met zijn topkwartet de wereld over of solo in Fryslân, violist Tim de Vries (25) doet alles met volle overtuiging
In dit artikel:
Tim de Vries (25), deels opgegroeid in Fryslân, staat zowel als solist in Friesland als met zijn ensemble internationaal in de startblokken. Hij vormt sinds vier jaar het Motus Kwartet, dat zich via intensieve repetities (soms vijf tot twaalf uur per dag) en competitie-successen richting de top van de kamermuziek werkt. Het kwartet won vorig jaar de International Joseph Joachim Competition in Weimar en is geselecteerd voor twee zwaarwichtige concoursen: binnenkort de Osaka International Chamber Music Competition, waar ze zeven tot negen strijkkwartetten moeten spelen (van Haydn, Beethoven en Mendelssohn tot Bartók plus een verplicht werk van een Japanse componist), en later het prestigieuze München ARD International Music Competition — deelname aan zulke concoursen kan volgens De Vries carrières maken of breken.
Naast het kwartet soleert De Vries eind mei het Vioolconcert van Mendelssohn met het Fries Kamerorkest onder leiding van Ronald Slager: op 29 mei in de Pelikaankerk in Leeuwarden en op 31 mei in het Papageno Huis in Lemmer. Voor hem is solistisch optreden een andere discipline dan kwartetspelen: meer focus op virtuositeit en spelen uit het hoofd, en een kans om stukken waarop hij jaren eerder speelde opnieuw te herinterpreteren.
Artistiek profiel en praktijk: het Motus Kwartet beargumenteert zijn repertoirekeuze met muzikaal gelijklopende smaak; een van de spelers is Hongaars, wat helpt bij het overtuigend brengen van Bartóks muziek met zijn volksmotieven en ritmische energie. De Vries omschrijft de concoursdruk als verslavend door de adrenaline, maar waakt voor overdreven verwachtingen; hij gelooft wel dat het kwartet een reële kans heeft in Osaka.
De Vries’ loopbaan kreeg een beslissende impuls door verder te studeren in Wenen bij Boris Kuschnir aan de mdw (Universität für Musik und darstellende Kunst Wien). Hij speelt op een Storioni‑viool uit 1793, in bruikleen van een Oostenrijkse familie, en prijst het instrument om zijn warme, gebalanceerde klank die grote zalen kan vullen.
Ambities en consequenties: het ultieme doel is wekelijks spelen in wereldtopzalen. Om dat te bereiken focust het kwartet op hoge artistieke standaarden, opnames (komend jaar twee cd’s, waaronder werk van Brahms) en het verkrijgen van een gerenommeerde managementdeal — iets dat volgens De Vries kan betekenen dat concoursen minder nodig zijn zodra een carrièrefundament is gelegd. Tegelijk erkent hij de persoonlijke prijs: weinig vrije tijd, beperkte sociale en romantische mogelijkheden, veel reizen en weinig gelegenheid om cultuur buiten de concertzalen te beleven. De combinatie van discipline, talent en strategische keuzes moet het kwartet volgens hem uiteindelijk die doorbraak bezorgen.