Met nieuwe expositie deelt Groninger Museum een dreun uit: aan Hip Hop is niet meer te ontkomen
In dit artikel:
Het Groninger Museum toont de tentoonstelling Hip Hop Is, een visuele verkenning van de invloedrijkste cultuurstroming van de afgelopen vijftig jaar. In plaats van een muziekhistorisch overzicht ligt de nadruk op de beeldtaal van hiphop: van grafische vormgeving en fotografie tot schilderkunst, graffiti en sculptuur. De expositie is mede mogelijk gemaakt dankzij werk dat het museum al in huis had uit eerdere activiteiten (waaronder projecten uit de jaren tachtig) en bouwt voort op curatoriële input van de uit het Westen ingevlogen Rieke Vos.
Titel en opzet roepen onvermijdelijk parallellen op met de succesvolle David Bowie Is-tentoonstelling; waar die destijds publiektrekkend was, is Hip Hop Is eerder een gefocuste poging tot aanstippen. De catalogus Coming From The Subway (1992), verbonden aan een eerdere Groningse graffititentoonstelling, geldt volgens de curatoren nog altijd als referentietekst voor veel makers. Het museum put zichtbaar uit zijn eigen collectie: werken van graffitikunstenaars als Quik en herinneringen aan exposities uit de jaren tachtig zijn opgenomen.
Opvallende onderdelen zijn een presentatie van 840 platenhoezen uit het Dutch Hip Hop Archive — een kronologische wand die begint bij een single uit 1979 en doorloopt tot hedendaagse namen — en grote muurteksten met woorden van iconen die de toon zetten voor de ruimtes erboven. De tentoonstellingsloop wordt verrijkt met sleutelbeelden zoals Jamel Shabazz’ foto Radio Man (Brooklyn, 1980), die het vroege straatbeeld van hiphop vastlegt.
Een van de blikvangers is het werk van Rammellzee (1960–2010): zijn politiek geladen sculptuur Gulf War, surrealistische kostuums en de monumentale Garbage Gods illustreren zijn strijd tegen de gevestigde orde en sluiten aan bij zijn samenwerking met tijdgenoten als Basquiat. Ook Umar Rashid springt eruit met satirische en felgekleurde doeken die koloniale geschiedenis — ook die van Nederland — kritisch en bijtend aborderen.
De tentoonstelling zoekt daarnaast expliciet de aansluiting met de regio. Er is aandacht voor Groningse pioniers en recente makers, zoals Mick la Rock (Aileen Middel), rapper Sherlock Telgt en DJ Lowpro (Dennis Kok). Telgt en Kok leveren inhoudelijke bijdragen en zullen tijdens de looptijd op zonmiddag aanwezig zijn om het verhaal lokaal te verspreiden. Het museum organiseert lezingen, breakdancedemonstraties en zelfs een hiphopcaravan die door de provincie trekt, bedoeld om de tentoonstelling buiten de muren te brengen.
Hoewel Hip Hop Is niet pretendeert de complete geschiedenis van hiphop te vangen, slaagt de presentatie erin de visuele kracht en maatschappelijke lagen van de beweging te tonen: van straatcultuur en zelfexpressie tot politieke kritiek en regionale verankering. De expositie is te zien tot en met 10 mei 2026 in het Groninger Museum.