Man (76) uit Leeuwarden had duizenden foto's aan kinderporno. 'Young teens zelfs als favoriet gemarkeerd'
In dit artikel:
Een 76-jarige man uit Leeuwarden werd in juni 2024 betrapt met een enorme hoeveelheid pornografisch materiaal nadat politieonderzoek op zijn computer ruim 3,2 miljoen foto’s en video’s aantrof. Van die bestanden waren volgens de vervolging ruim 16.000 kinderporno-items, waarvan naar schatting zo’n 4.500 uniek waren (de rest bestond uit kopieën).
Het strafbare bezit kwam aan het licht nadat de man over twee jaar via de app Telegram actief op zoek bleek naar pornografisch materiaal met zoektermen als “teens”, “girls” en “young teens” — laatstgenoemde stond zelfs als favoriet gemarkeerd. De officier van justitie stelt dat die zoekstrategie niet te rijmen is met een onbedoelde aanraking van kinderporno en noemt het kopiëren van bestanden naar usb-sticks bovendien een aanwijzing voor opzet en gewoontematig handelen.
De verdediging betwist opzet: advocaat Nijenhuis zegt dat de verdachte gewone porno zocht en dat kinderporno het onbedoelde bijvangst was. Ook wees de verdediging op de enorme totale omvang van de verzameling, waardoor de man volgens hen onmogelijk kon weten welk materiaal precies aanwezig was. Verder benadrukte zij zijn persoonlijke omstandigheden: slechte gezondheid, slechthorendheid en geen strafblad, en noemde de reclassering de recidivekans klein. De verdachte verklaarde in de zitting dat zoeken op Telegram zijn grootste fout was en zei te stoppen met porno; zijn relatie liep stuk na de zaak.
De officier eiste een maand gevangenisstraf, aangevuld met elf maanden voorwaardelijk en een proeftijd van drie jaar (normaal zou twaalf maanden onvoorwaardelijk passend zijn). De verdediging vroeg vrijspraak en wees op onduidelijkheden in het dossier. Daardoor wordt de zitting over twee weken voortgezet: het openbaar ministerie heeft een map met dertig foto’s samengesteld maar het is nog onduidelijk of die uitsluitend kinderporno bevat of ook enkele privéfoto’s en twee beelden van dierenporno — die laatste staan niet op de aanklacht.