Maarten van Rossem (82) maakt zich drukker om zijn dak dan om de wereld. 'Zijn er nooit vreselijkere tijden geweest dan nu? Flauwekul'
In dit artikel:
Maarten van Rossem (82), de bekende Nederlandse historicus en tv‑persoonlijkheid, presenteert in zijn nieuwe boek De 21e eeuw, die in 1979 begon een breed historisch overzicht met een opvallend optimistische inslag. In 22 korte hoofdstukken schetst hij de grote lijnen van recente decennia: van de val van de Berlijnse Muur en de Eerste Golfoorlog tot de aanval op Irak, Brexit en de verkiezing van Trump. Zijn centrale stelling is dat veel van de geopolitieke verschuivingen — vooral tussen de VS, Rusland en China — terug te voeren zijn op gebeurtenissen rond 1979: de start van Chinese economische hervormingen, de opkomst van Margaret Thatcher en de Sovjetinval in Afghanistan.
Van Rossem wil met het boek vooral relativeren en duiding bieden voor wie het overzicht is kwijtgeraakt. Hij waarschuwt tegen generatiegebonden doemdenken en het idee dat de huidige tijd uitzonderlijk rampzalig is; in zijn ogen leven de meeste Nederlanders relatief comfortabel in één van de rijkste landen ter wereld. Tegelijkertijd erkent hij dat recente gebeurtenissen soms onverwacht en slecht doordacht zijn verlopen: de Russische invasie van Oekraïne noemt hij in het boek een verkeerd en emotioneel gedreven besluit van Poetin — iets dat hij vooraf niet had voorzien, en waarvoor hij moeite heeft gehad met de publieke kritiek op zijn eerdere inschatting.
Als publiek figuur reflecteert Van Rossem op zijn eigen rol: hij ziet zich primair als docent die ook moet entertainen, en geeft toe dat ijdelheid een rol kan spelen in zijn mediaoptredens, maar ontkent dat geld de drijfveer is. Hij werkt nog steeds veelvuldig in televisie‑ en radioproducties: recente projecten zijn reizen door Europa met Philip Freriks voor Op het spoor, de derde (laatste) reeks van Wortelboer en Van Rossem en de podcast met Tom Jessen, waarvan hij zegt te willen stoppen als die buiten de top twintig zakken.
Privé levert Van Rossem openhartige observaties over huwelijk en familieleven. Hij is 57 jaar getrouwd en benadrukt dat huwelijk iets anders is dan vriendschap: verliefdheid is tijdelijk, later volgt een gewone omgang met elkaar. Hij koestert het gezinsleven en betreurt het dat sommige mensen afzien van kinderen uit zorgen over de planeet. Over vrienden en sociale betrekkingen zegt hij voldoende vrienden te hebben, maar niet veel; zijn vriendschap met Freriks noemt hij concreet en betrouwbaar. Over zijn eigen toon — scherp, ironisch en soms minachtend — erkent hij dat die wel eens te cru kan overkomen.
Van Rossem is in zijn latere jaren opvallend minder somber en meer tevreden dan in de middelbare leeftijd. Grote wereldzorgen laat hij vaak op afstand — hij vergelijkt veel geopolitiek met een James Bond‑film waar je hoopt dat het goed afloopt — terwijl praktische zorgen, zoals een mogelijk slecht gelegd dak met zonnepanelen, hem meer wakker houden. Op het thema dood en erfgoed heeft hij duidelijke, nuchtere wensen: geen sentimentele rouwadvertentie en als nalatenschap dat men hem over vijftig jaar ziet als een verstandiger man dan zijn tijdgenoten destijds dachten.
Kortom: Van Rossem gebruikt zijn nieuwe boek en publieke optredens om recente geschiedenis in perspectief te zetten, persoonlijke reflecties te delen en zijn kenmerkende mengeling van nuchterheid, ironie en didactiek te laten horen.