Lokale belofte om geen azc te realisteren onhoudbaar. 'Volledig uitsluiten kan niet'
In dit artikel:
Lokale anti-azc-partijen behaalden bij de recente gemeenteraadsverkiezingen in Friesland en elders veel stemmen door duidelijk te zeggen dat ze geen asielzoekerscentrum in hun gemeente willen. In plaatsen als Heerenveen, Noardeast-Fryslân en Ooststellingwerf werden partijen als Heerenveen Lokaal, Liberaal Noardeast-Fryslân en de Vrije Partij Ooststellingwerf flink beloond. Ook lokale afdelingen van landelijke partijen (JA21 in Leeuwarden, VVD in Waadhoeke) stelden zich tijdens de campagne tegen nieuwe opvanglocaties op.
Deskundigen zeggen echter dat zulke absolute beloftes weinig realistisch zijn. Carolus Grütters van het Centrum voor Migratierecht noemt het „een onhoudbare belofte, net zoals het beloven van elke dag mooi weer”. De reden ligt in de Wet gezamenlijke regeling spreiding asielzoekers (de Spreidingswet): gemeenten hebben een wettelijke taak bij de opvang en het Rijk kan ingrijpen als uitvoering vastloopt. Hoogleraar Geerten Boogaard wijst erop dat het kabinet middelen heeft om zelf op te treden wanneer een gemeente niet meewerkt.
Dat betekent niet dat gemeenten niets kunnen doen. Raad en college kunnen overleg voeren met andere gemeenten en de provincie, afspraken maken over verdeling en schaal van opvang en locaties tegenhouden of niet actief faciliteren. Volgens Kees Aarts (RUG) kunnen gemeenten de uitvoering van de Spreidingswet daardoor behoorlijk bemoeilijken, maar uiteindelijk blijft het wettelijke kader bepalend. Boogaard benadrukt dat het Rijk eerder al zelf iets heeft uitgevoerd waar gemeenten weerstand boden.
Praktische opties bestaan uit het spreiden van opvang over meerdere kleinere locaties – die vaak sneller gerealiseerd worden en waar omwonenden na verloop van tijd minder bezwaar tegen hebben – of het onderling afstemmen van aantallen. Lysbeth Minnema van Noodopvang Friesland pleit vooral voor blijvende dialoog: angst voor het onbekende moet worden tegengegaan door ontmoeting en het benadrukken van positieve effecten, zoals bijdragen van vluchtelingen aan de krappe arbeidsmarkt. Ze wijst op Dokkum, dat in de jaren negentig langdurig een azc had zonder veel tegenstand en met positieve lokale effecten.
Cijfers: minister Bart van den Brink stelde in februari vast dat Friese gemeenten gezamenlijk halverwege volgend jaar ruimte moeten bieden aan 3.094 asielzoekers; Fryslân moet daar nog 725 nieuwe plekken voor realiseren. In zijn indicatieve verdeling krijgt Leeuwarden bijvoorbeeld 521 plaatsen, Súdwest-Fryslân 440, Heerenveen 251 en Waadhoeke 223. Sommige gemeenten zoals Tytsjerksteradiel, Smallingerland en Waadhoeke hebben al azc’s en voldoen (ruimschoots) aan hun opdracht.
Kort samengevat: anti-azc-retoriek levert lokaal politieke winst op, maar juridisch en organisatorisch is het onmogelijk gemeenten volledig vrij te verklaren van opvangverplichtingen; samenwerking, gesprek en creatieve locatiekeuzes blijven de meest realistische wegen om lokale zorgen te adresseren.