Liwwadder parodie 'Europaplein' wint Eelke en Etsjepriis, maar waar is de Piter Jellespriis gebleven? | column Pieter de Groot
In dit artikel:
Op Leeuwarder schoolpleinen klinkt het stadsdialect Liwwadders steeds minder, reden voor de gemeente om actie te ondernemen: zij heeft de Eelke en Etsjeprijs ingesteld om het dialect en lokale culturele uitingen te stimuleren. Het initiatief kwam van raadslid Otto van der Galiën en kreeg unanieme steun van de raad. Wethouder Hein Kuiken reikte op donderdag in Podium Explore (Westerkerk) de eerste prijzen uit.
Als eenmalige oeuvreprijs ging de eer naar dichter en muzikant Melvin van Eldik, die zich jarenlang inzet voor Liwwadders, maar ook voor Fries en Nederlands. De eerste reguliere prijs — die voortaan om de twee jaar wordt toegekend — werd toegekend aan het collectief rond volkszanger Ricky van Daalen. Zij maakten een Liwwadder-parodie op de hit Europapa van Joost Klein, een project geïnitieerd door LC‑redacteur Zander Lamme en uitgevoerd met Aart Lus en Ed Lip op het Europaplein. De videoclip, geregisseerd door Remco Efdé, ging viraal en bereikte zo een groot publiek met het dialect.
De naam van de prijs verwijst naar personages uit het Cambuurlied van Anne van der Mark, oorspronkelijk een protestlied over verplaatsing van woonschepen; Eelke en Etsje zijn fictieve namen die symbool staan voor lokale geschiedenis en verzet tegen verdringing. Tijdens de uitreiking plaatste Kuiken de nieuwe prijs tussen bestaande culturele onderscheidingen van de stad, zoals de Eekhoffprijs, Jan Jansz. Starterprijs en Margareta de Heerprijs. Opvallend was dat de Piter Jellespriis — ooit ingesteld in 1973 voor Friese en Nederlandse letteren en lange tijd prestigieus — inmiddels in vergetelheid lijkt te zijn geraakt; die prijs werd voor het laatst in 2019 toegekend.
De Eelke en Etsjeprijs heeft expliciet tot doel het Liwwadders levend te houden, met name door ouders te stimuleren het dialect door te geven aan hun kinderen. Met de eerste winnaars probeert Leeuwarden zowel erfgoed te vieren als het dialect een breder podium te geven via muziek, video en lokale betrokkenheid.