Leeuwarden maakte groeidroom waar, durft Friesland ook zo ambitieus te zijn? | LC commentaar
In dit artikel:
In een duolezing voor Aed Levwerd schetsten oud-burgemeester Hayo Apotheker en sociaal-geograaf Meindert Schroor de lange worsteling en recente opkomst van Leeuwarden. Historisch liep Friesland achter; al in 1953 adviseerde landelijke media om industrie en bevolking te laten concentreren in het zuiden, en na de oorlog trokken duizenden Friese gezinnen weg voor werk, waardoor de provincie jarenlang achterbleef in bevolkings- en welvaartsontwikkeling. Philips in Drachten werd destijds als uitzondering aangevoerd, maar kon de neerwaartse trend niet keren.
Volgens Schroor begon de omslag rond 1970, toen lokale bestuurders succesvoller werden in het aantrekken van banen, woningbouw en stadsvernieuwing. Apotheker benadrukte dat het veel grotere, gedurfde denken — verankerd in de stedelijke visie van 1997 — cruciaal was. Die visie bevatte ingrijpende plannen zoals de 'Haak om Leeuwarden' en ruimte voor duizenden woningen in De Zuidlanden en Middelsee. Wat in 1997 ambitieus leek, is sindsdien daadwerkelijk uitgevoerd en maakte Leeuwarden tot de motor van de Friese bevolkingsgroei.
Kijkend vooruit pleit Apotheker voor het huisvesten van een groter deel van de nationale bevolkingsgroei in Friesland: meer bouwplannen en een versterkt F4-stedennetwerk (Leeuwarden, Sneek, Heerenveen, Drachten). Hij wil dat dit netwerk van het Rijk vergelijkbare status en bouwmogelijkheden krijgt als het regio-cluster Groningen-Assen. Dat vereist intensieve samenwerking tussen de vier steden en de provincie, en bestuurlijk lef om ambitieus te durven denken.
Apotheker waarschuwt ook dat de Friese bevolking traditioneel sceptisch is tegenover grote plannen; om draagvlak te winnen moet de geschiedenis van gemiste kansen duidelijk verteld worden en moet men consequent kiezen voor een toekomstgerichte, grootse agenda.