Kiezen we voor woningen of voor parkeerplekken? | opinie

zaterdag, 28 februari 2026 (11:43) - Leeuwarder Courant

In dit artikel:

Nederland heeft ongeveer evenveel parkeerplaatsen als inwoners: circa 18 miljoen plekken. Dat neemt veel publieke ruimte in beslag — ongeveer 55% van de straatruimte is autogerelateerd — terwijl auto's 95% van de tijd stilstaan. Deze situatie is deels het resultaat van naoorlogse herinrichting onder invloed van het Marshallplan, dat Europa autocentrisch maakte door infrastructuur, machines en auto’s te stimuleren. Daardoor ontstond het straatbeeld waarin de auto dominant is en de openbare ruimte in veel gevallen de mens ondergeschikt is.

Die vanzelfsprekendheid van parkeerplaatsen vertaalt zich in starre parkeernormen bij nieuwbouw en verbouw. Veel gemeenten schrijven per woning één of meer verplichte plekken voor (in Leeuwarden ligt de norm tussen 1,0 en 1,9). Deze regels blokkeren woningbouw, vooral voor starters in binnensteden waar het autobezit juist laag is. Het gevolg: kiezen we voor nieuwe woningen of voor parkeerplaatsen? De auteur stelt dat de huidige normen vaak verouderd of onnodig zijn.

Er zijn volgens de schrijver meerdere stappen voor verandering. Allereerst: laat de klassieke parkeernorm los — Leeuwarden deed dit al voor het centrum, wat ruimte gaf voor nieuwe woningen en vervanging van parkeervakken door groen en terrassen (bijvoorbeeld de Eewal). Ten tweede: richt je op wie écht afhankelijk is van de auto en faciliteer daarvoor voldoende parkeerplaatsen op loopafstand van het centrum; vaak is die capaciteit in parkeergarages en randlocaties al aanwezig. Ten derde: toon lef en overschat de weerstand niet — tegenstanders zijn vaak het luidst, maar veel inwoners geven de voorkeur aan meer groen, speelplekken en zitjes boven extra parkeerplaatsen, en de oppositie neemt vaak af zodra verbeteringen zichtbaar worden.

Als contra-experiment wordt Pontevedra (Spanje) genoemd: de burgemeester zei expliciet: “Het is niet mijn plicht als burgemeester ervoor te zorgen dat iedereen een parkeerplaats heeft.” Dat illustreert een ander politiek perspectief waarin openbare ruimte primair voor mensen is, niet voor geparkeerde auto’s.

Klaas Yde Haarsma uit Leeuwarden, adviseur stedelijke transitie, pleit voor het heroverwegen van parkeerbeleid om ruimte vrij te maken voor woningbouw, vergroening en sociale functies, en zo steden leefbaarder te maken.