Karel (87) uit Woudsend koesterde geen wrok voor de nachtmerrie die hij in 1975 beleefde, maar zocht naar verbinding

vrijdag, 16 januari 2026 (15:57) - Leeuwarder Courant

In dit artikel:

Karel Wielenga (geboren 6 januari 1939 in Middelburg) is deze week op 87‑jarige leeftijd overleden. Zijn leven kreeg een ingrijpende wending toen hij op 2 december 1975, op verzoek van twee zakenpartners, instapte in de stoptrein tussen Groningen en Zwolle. Kort na vertrek vanaf Haren werd de trein gekaapt door zeven Zuid‑Molukse jongeren; de treinkaping bij Wijster duurde twaalf dagen en eindigde op 14 december 1975. Tijdens de kaping werden de machinist en twee passagiers doodgeschoten. Wielenga, die aanvankelijk probeerde een gewapende kaping tegen te houden, overleefde de gijzeling en herwon na afloop zijn vrijheid en gezin.

In plaats van rancune te koesteren zocht Wielenga naar begrip. Hij vroeg gesprekken aan met de ouders van de kapers en begon contact te onderhouden met de Molukse gemeenschap. Zo hoorde hij de historische context achter het extreme protest: veel Molukse militairen waren na de Tweede Wereldoorlog naar Nederland gehaald en woonden decennialang in slechte kampen, terwijl de beloofde zelfstandigheid uitbleef. Wielenga veroordeelde geweld niet, maar legde uit waarom radicale acties uit wanhoop ontstonden. Zijn inzet leverde hem ook bedreigingen op, maar weerhield hem niet van verdere betrokkenheid.

De ontmoeting met Eli Hahury, de leider van de kaping die later zelfmoord pleegde in detentie, trof Wielenga diep en versterkte zijn drang iets constructiefs te doen. Hij nam ontslag als planologisch projectleider en wijdde zich aan ontwikkelingswerk. Na een bezoek aan Jakarta in 1983 startte hij samen met zijn vrouw Will een bouwinitiatief voor dakloze bewoners van een krottenwijk. Met zijn bouwervaring ontwikkelde hij een goedkope en robuuste bouwmethode: afvalhout werd met leem en water samengeperst tot harde bouwblokken die gemakkelijk gestapeld konden worden. Deze eenvoudige techniek leverde honderden Indonesiërs een betaalbaar dak op en trok aandacht van zowel de Indonesische regering als landen als Peru, Jamaica en de Filipijnen.

Wielenga bleef op latere leeftijd betrokken bij de Molukse gemeenschap in Nederland en probeerde twee culturen dichter bij elkaar te brengen. Hij wilde dat de slachtoffers van de gebeurtenissen van toen niet vergeefs waren gestorven en benadrukte herstel en begrip boven wrok. Zijn ervaring in de trein bij Wijster definieerde zijn latere levenskeuzes: van slachtoffer tot bemiddelaar en ontwikkelaar die concrete oplossingen zocht voor armoede en onrecht.