Kampeermeneer Tjerk vreest trend op camping. 'Je kijkt soms tegen witte muur van campers aan'
In dit artikel:
Kleine campings genieten grote populariteit, maar de groei brengt ook zorgen met zich mee. Dat blijkt uit het Grote kleine campingonderzoek van Kampeermeneer.nl onder 5.311 kampeerders. De meeste respondenten kamperen het liefst in Nederland (73%), gevolgd door Frankrijk (55%) en Duitsland (29%). Een ruime groep is frequent op kleine campings te vinden: 55% verblijft drie of meer keren per jaar op zulke plekken en 56% wil vaker gaan.
Initiatiefnemer Tjerk Romkema (46) uit Nijmegen, verantwoordelijk voor Kampeermeneer.nl, ziet kampeerders bewust kiezen voor kleinschaligheid, natuur, rust en persoonlijke aandacht. Tegelijkertijd maakt een meerderheid zich zorgen over veranderingen: 54% ervaart de opkomst van glamping (safaritenten, chalets, tiny houses) als een bedreiging voor de authentieke sfeer, en 28% is kritisch over de toename van campers die soms rijen ‘witte muren’ vormen. Kleine campings voegen deze verhuurmogelijkheden vaak toe om extra inkomsten te genereren en het seizoen te verlengen, maar vaste gasten vrezen dat daardoor minder traditionele plekken overblijven en prijzen kunnen stijgen.
Romkema nuanceert de kritiek: sommige campings integreren luxe accommodaties of campers op een zorgvuldige manier, met afwisseling, beplanting en aparte plekken voor campers, wat de sfeer kan behouden of zelfs versterken. Hij noemt het runnen van een kleine camping een niche met smalle marges, waardoor ondernemers naar aanvullende verdienmodellen zoeken.
Wie kampeert er op die kleine campings? Het merendeel zijn ervaren kampeerders: 77% kampeert al langer dan tien jaar. Gasten zijn vooral stellen (57%) en gezinnen (33%); 55% is 55 jaar of ouder. Opvallend is de scheve verdeling naar geslacht: 58% vrouw en 41% man; Romkema ziet onder andere steeds meer alleenstaande vrouwen die na het overlijden van hun partner blijven kamperen.
Praktische ergernissen zijn duidelijk: vies of slecht sanitair staat bovenaan, gevolgd door storende geluiden — onder meer het dichtslaan en schuivende deuren van camperbusjes — en overlast van medekampeerders, animatie of druk verkeer vlakbij. Kampeerders waarderen wel wat comfort: broodjesservice (58%) en zwemgelegenheid (59%) worden veel genoemd, terwijl privésanitair voor 15% belangrijk is — een trend deels terug te voeren op ervaringen uit de coronaperiode. Als basisvoorzieningen gelden schoon sanitair, warme douches, wc‑papier, voldoende schaduw, goede wifi en mobiel bereik. Onverwacht weinig gewicht krijgt speelgelegenheid en laadpunten voor elektrische auto’s.
Natuurcampings en natuurkampeerterreinen scoren het hoogst; boeren‑campings zijn met 10% minder populair. De ideale kleine camping telt minder dan 50 plekken. Seizoensvoorkeuren blijven zomervakantie en voorjaar, maar de helft kampeert bewust buiten het hoogseizoen en 8,4% zelfs in de winter; de meivakantie wordt steeds populairder, vooral bij Frankrijkgangers.
Qua zoeken en boeken blijft Google dominant, maar nichegidsen worden meer geraadpleegd dan algemene portals. ChatGPT speelt tot nu toe een kleine rol (5,5%) en TikTok nauwelijks. Veel kampeerders boeken rechtstreeks bij de camping; 25% reserveert voor de zomer vier maanden of langer van tevoren, terwijl 23% juist op de bonnefooi gaat.
Romkema zelf houdt van korte verblijfjes van drie tot vijf dagen, gecombineerd met lokale activiteiten. Voor komende zomer staan of Portugal of een daktentreis naar Georgië op de planning; zijn ideale beeld van kamperen blijft de eenvoudige ontspanning: onder de luifel met een drankje, kinderen die spelen en de natuur om je heen. De uitkomst van het onderzoek laat zien dat kleinschalig kamperen populair blijft, maar dat behoud van sfeer en betaalbaarheid een uitdaging is zolang glamping en campers in opkomst blijven.