Kaapstad is fantastisch mooi, maar nog steeds diep verdeeld | column Elles van Gelder

maandag, 20 april 2026 (11:26) - Leeuwarder Courant

In dit artikel:

Elles van Gelder beschrijft haar thuisbasis Kaapstad als een miraculeuze combinatie van stad en natuur: de iconische, platte Tafelberg domineert het stadsbeeld en herinnert aan eeuwenoude zeereizen en aan Jan van Riebeecks verversingspost uit 1652. Voor haar gezin biedt de omgeving een buitengewone speelplek: haar dochters groeien op tussen hikes, tuinonderzoek naar insecten en ontmoetingen met de lokale fauna, zoals pinguïns. Ook gastronomisch en recreatief heeft Kaapstad veel te bieden, wat het aantrekkelijk maakt voor toeristen, Europese gezinnen en digitale nomaden.

Toch knaagt er onbehagen. Van Gelder verhuisde vanuit Johannesburg naar Kaapstad deels uit veiligheidsoverwegingen — na een traumatische carjacking in haar wijk in Johannesburg voelde haar gezin de grens bereikt — maar voelt zich er minder thuis. Waar Johannesburg volgens haar een diverse, sociale en levendige mengeling van Zuid-Afrikanen was, ontbreekt die saamhorigheid in Kaapstad. De stad blijft diep gesegregeerd: de rijkdom concentreert zich in het sfeervolle centrum en buitenwijken die vooral door witte bewoners worden bewoond, terwijl veel zwarte Zuid-Afrikanen nog in de townships achter de Tafelberg leven — een directe erfenis van de apartheid.

Die scheidslijnen worden volgens Van Gelder versterkt door economische factoren. Koop- en huurprijzen stijgen, terwijl de koopkracht van veel zwarte inwoners onvoldoende meegroeit. Buitenlanders kopen vaak huizen als tweede verblijf of verhuizen er permanent naartoe, wat het beschikbare woningaanbod voor lokale middenklasse-stedelingen verkleint. Tegelijkertijd schieten bouwprojecten en toeristische verhuureenheden als studio’s en eenkamerappartementen tevoorschijn, gericht op Airbnb-markt en bezoekers, niet op inwoners. Hierdoor raakt de stedelijke structuur verder uit balans: veel zwarte bewoners blijven opgesloten in hun wijken of werken in de betere buurten als schoonmakers en bedienend personeel.

Van Gelder worstelt met wat deze ongelijkheid betekent voor haar dochters en voor de toekomst van de stad: Kaapstad lijkt alles te hebben, maar het ‘goede Kaapse leven’ is vooral bereikbaar voor een relatief kleine, witte bovenlaag. Haar column plaatst persoonlijke observaties tegen historische en sociale achtergronden en roept op tot aandacht voor wie er eigenlijk baat heeft bij de huidige ontwikkeling van de stad.