Johan Derksen (77), geestelijk onafhankelijk of ronduit ordinair? 'Het zal me worst zijn wat de meute ervan vindt'
In dit artikel:
Johan Derksen, 77‑jarige mediafiguur uit Grolloo, leeft een dubbel leven: op de Hoofdstraat neemt hij zijn plaats in naast tuin en mancave, maar op tv ontketent hij al jaren stormen. Als voormalige profvoetballer (o.a. Veendam, Cambuur) en later sportjournalist groeide hij uit tot een van Nederlands meest bekeken en invloedrijke presentatoren: zijn dagelijkse tafelshows trekken rond de miljoen kijkers en leverden hem tweemaal de Gouden Televizierring op (2011, 2025). Toch is zijn naam onlosmakelijk verbonden met controverse; critici noemen hem homofoob, racistisch en ordinair, terwijl hijzelf zijn uitgesproken meningen omschrijft als geestelijke onafhankelijkheid en het vertolken van een zwijgende meerderheid.
Het interview speelt zich af in Grolloo, waar Derksen met zijn vrouw Isabelle woont en vertelt over jeugd in Heteren en Drenthe, zijn liefde voor blues en voetbal, en de loopbaanwisseling van linksback naar journalist en later tv‑persoonlijkheid. Op televisie kwam hij pas op latere leeftijd (49) echt groot door een dagelijkse talkshow die John de Mol mogelijk maakte; het leverde hem een zeer riante beloning én strikte voorwaarde: volle zeggenschap over inhoud. Hij erkent eerlijk dat geld een belangrijke motivatie is — “hebzucht” noemt hij het — maar legt ook uit dat hij veel geeft aan goede doelen, vooral via zijn vrouw (onder meer een asiel voor gehandicapte dieren en steun aan een arts die onderzoek naar alvleesklierkanker financierde).
De kritiek die op hem neerslaat, houdt hem volgens eigen zeggen nauwelijks bezig: hij leest geen social media en noemt zichzelf immuun voor afbranden. Toch erkent hij dat sommige uitspraken — denk aan het beruchte ‘kaarsverhaal’ — flinke impact hadden: relaties gingen kapot, hij werd uit de organisatie van zijn eigen bluesfestival gezet en hij verloor vrienden. Tegelijkertijd ontstonden onverwachte vriendschappen, bijvoorbeeld met Henk Kuipers (ex‑motorbende) en volkszanger John de Bever, mensen die volgens Derksen loyaal bleven toen anderen zich afkeerden.
Over verantwoordelijkheid tegenover zijn grote publiek zegt Derksen dat hij zich daar weinig door laat leiden; hij wil ongecensureerd kunnen spreken, met soms plat humor dat volgens hem dicht bij "doorsnee Nederland" ligt. Wel trekt hij grenzen: mensen mag je niet vergelijken met oorlogsmisdadigers, zegt hij, en hij erkent dat sommige opmerkingen achteraf beter niet hadden gekund. Bezigheden buiten tv nemen ook veel van zijn tijd in: podcast, radio, een boek met Lale Gül en een column in De Telegraaf.
Persoonlijk leven en schaduwkanten komen ook voorbij: hij was in het verleden korte tijd onder 24‑uursbewaking wegens aanwijzingen dat hij door de onderwereld werd bedreigd. Thuis beschrijft hij zichzelf als gewone vader en echtgenoot; Isabelle is volgens hem minder fan van zijn “ordinaire” televisieoptredens en checkt liever of John de Mol het salaris heeft overgemaakt. Derksen wil nog doorwerken tot uiterlijk zijn contract afloopt en ziet na het komende jaar (hij wordt dan 78) hoe fit hij nog is; hij wil voorkomen dat hij een “oude briesende gek” wordt.
Kort samengevat is Johan Derksen een polariserende media‑icoon die met grote kijkcijfers en vrije meningsuiting zowel bewondering als verontwaardiging oogst. Zijn loopbaan combineert voetbal, journalistiek en televisie met een openlijk commerciële houding, persoonlijke loyaliteiten en een afkeer van publieke correctheid — en dat alles vanuit een comfortabel leven in Grolloo.