Jenning de Boo, olympisch debutant vol bravoure. 'Als ik de perfecte race rijd, ben ik de snelste'

dinsdag, 10 februari 2026 (20:12) - Leeuwarder Courant

In dit artikel:

Jenning de Boo, 22-jarige sprinter uit Groningen en huidig wereldkampioen, maakt in Milaan zijn olympische debuut en gaat er in de 1000 m (woensdag) en vooral de 500 m (zaterdag) vol voor als serieuze medaillekandidaat. Zes jaar eerder beleefde hij op de Jeugd Olympische Winterspelen in Lausanne een harde ontwaking: als 15‑jarige shorttracker werd hij vroeg uitgeschakeld door sterke Aziatische en Russische concurrenten. Die ontgoocheling fungeerde sindsdien als leerervaring en motivatie; De Boo wisselde later van shorttrack naar langebaanschaatsen en bouwde zijn sprintcapaciteiten verder uit.

Het pad naar Milaan liep niet zonder emoties. Tijdens het olympisch kwalificatietoernooi in Thialf leverde De Boo sterke prestaties, maar zag hij ook veel teleurstelling rondom anderen — onder wie goede vriend en ex‑teamgenoot Tim Prins, die ondanks kwalificatie niet door de bond werd geselecteerd. Die dubbelheid maakte het lastig om feestelijk te reageren op zijn eigen tickets, maar bevestigde ook zijn mentaliteit: richten op uitvoering en niet op de bijbehorende ruis.

Binnen TeamNL zoekt De Boo bewust niet constant advies, al profiteert hij van de aanwezigheid van ervaren ploeggenoten en staf — namen als Kjeld Nuis en Gerard van Velde fungeren als inspirerende voorbeelden. Hij probeert de Spelen te benaderen als een veredeld wereldkampioenschap: een groot doel, maar niet iets om zich door te laten verlammen. Dat pragmatische perspectief combineert hij met ambitie; zijn droom is goud, en hij gelooft dat een technisch perfecte race hem in staat kan stellen Jordan Stolz en Damian Zurek te kloppen.

Privé schakelde De Boo onlangs naar een eigen woning in Heerenveen, wat enerzijds professioneler is maar ook soms eenzaam; familie en vrienden uit Groningen reizen naar Milaan om hem te steunen. Hij nam ondanks het drukke schema tijd om in eigen stad de titel Groninger Sporter van het Jaar in ontvangst te nemen, een moment dat hij waardeerde omdat zijn ouders er waren. Relaties en vrijetijdsplannen blijven voorlopig ondergeschikt aan de sport; hij erkent dat het weinig ruimte laat om een partner te vinden.

Kritisch is hij over het decor van deze Spelen: de tijdelijke ijsbaan in een beurscomplex is niet het snelste decor voor recordpogingen — hij kijkt daarom al vooruit naar Salt Lake City 2034, waar hooggelegen ijs tijden en kansen kan scheppen. Daarnaast volgt hij nog altijd het shorttrack en hoopt hij vrienden als Jens van ’t Wout te supporten tijdens hun toernooi. In Milaan treedt De Boo aan met de lessen van Lausanne in het achterhoofd, de kalmte om zijn beste race te willen rijden en de ambitie om zijn jeugdbelofte nu in medailles om te zetten.