Ik wou dat ik kon zeggen dat ik het God zij dank niet druk heb

zaterdag, 7 februari 2026 (14:00) - Friesch Dagblad

In dit artikel:

In deze bijdrage beschrijft Matthias Olthaar (lector Green economics & process optimization, NHL Stenden) hoe de menselijke competitie van jagen op dieren is verschoven naar een moderne jacht op elkaar: naar tijd, status, werk en huizen. Hij opent met een anekdote uit een vergadering waarin één deelnemer kalm zegt dat hij nooit druk is — een contrast met de algemene trots op overbezetheid. Psycholoog Paul Verhaeghe wordt aangehaald om te schetsen dat onze normaliteit — constante groei en werkzucht — eigenlijk afwijkend en schadelijk is.

Olthaar legt een evolutionaire achtergrond uit: mensen zijn uitzonderlijk goed in zweten en uithoudingsvermogen, waardoor onze voorouders prooien langdurig konden uitputten zonder wapens. Die fysieke eigenschap maakte persistente jacht mogelijk. Tegenwoordig gaat het jagen niet meer om voedsel, maar om economische posities: sinds circa 2010 werken mensen meer, lenen ze meer en verhogen ze gezamenlijk huizenprijzen, waardoor wie het tempo of kapitaal niet kan bijbenen wordt buitengesloten.

De kernkritiek is dat neoliberale groeidwang en statuscompetitie een collectieve druk creëren — een eindeloze zoektocht naar meer bezit en erkenning — waardoor rust en genoeg zijn uit het vizier raken. Als tegenbeeld haalt hij een joodse lezing aan waarbij de zevende dag staat voor rust: een aanwijzing dat het ook anders kan. Olthaar sluit af met de wens dat meer mensen zouden kunnen zeggen dat ze het niet druk hebben.