Hoogbegaafd zijn is geen voorwaarde voor weerspannigheid
In dit artikel:
Predikant Teunard van der Linden beschrijft zijn hoogbegaafde neefje (10) uit het oosten van het land: een kind met opvallende talenten én stevige gedragsuitdagingen. Hij toont bijvoorbeeld precieze, berekende antwoorden (bij een kanotocht noemt hij afstanden met decimalen), wint onvermoeibaar met schaken en volgt op zijn leeftijd onderwijs voor hoogbegaafde leerlingen, waarvoor hij dagelijks fiets- en treinreizen maakt. Het speciale programma biedt vakken die niet op de gewone middelbare school voorkomen, maar hij moet ook vakken volgen die hij onzinnig vindt — zoals Oekraïens — wat frustratie oproept.
Van der Linden vertelt twee concrete momenten: een boswandeling die ontspannend had moeten zijn maar omsloeg in een heftige, onbereikbare bui waarbij het kind zich “opsloot” en een halfuur tegen een boom zat; en een ochtend op een beroepskeuzemarkt vol techniek waarop hij juist uitbundig geïnteresseerd en aangenaam in de omgang was. Die tegenstelling onderstreept dat hoogbegaafdheid niet alleen een aaneenschakeling van voordelen is: intense gevoelens, starheid in overtuigingen en een andere manier van informatieverwerking kunnen leiden tot onhandelbaarheid en spanningen binnen het gezin. Van der Linden vermoedt dat zijn neef binnen het autistische spectrum valt, wat sociale communicatie en repetitief gedrag mede verklaart.
De schrijver koppelt de persoonlijke observaties aan een bredere overweging: iedereen — ongeacht IQ — kan weerspannig en hardnekkig zijn; ook dat hoort bij mens-zijn en roept om begrip en geduld. Als aanvulling: bij hoogbegaafdheid komt vaak sprake van asynchrone ontwikkeling en intensivering van emoties; passende begeleiding, begrip voor neurodiversiteit en een leeromgeving op maat kunnen zowel talenten ontplooien als gezinsdruk verlichten.