Hoe staat het er nu voor met toerisme in Friesland? 'Die bal moet de komende tijd wel ingekopt worden'

maandag, 27 april 2026 (18:26) - Leeuwarder Courant

In dit artikel:

Gerard Kremer stopt na tien jaar als voorzitter van de Toerisme Alliantie Friesland (TAF) en trekt een positief eindverslag: Friesland is niet langer het verwaarloosde toeristische buitenbeentje dat het in 2016 leek te zijn. Kremer leidde de TAF, een denktank met vertegenwoordigers van provincie, toerismesector en onderwijs die viermaal per jaar bijeenkwam om het Friese toerisme te versterken. De alliantie ontstond op initiatief van toenmalig gedeputeerde Klaas Kielstra; Marjan Soepboer trad aan als projectmanager.

Toen Kremer begon, was er weinig groei of innovatie in de sector: veel kleine mkb’ers, weinig samenwerking en een neerbuigende houding in het bedrijfsleven tegenover toerisme. Kremer, zelf eigenaar van kampeerwinkel De Vrijbuiter en met Friese familiebanden, zag dat beeld veranderen door gerichte projecten en politieke steun. Belangrijkste uitkomst: toerisme wordt nu serieus genomen door alle partijen in de Provinciale Staten en de provincie investeert miljoenen in de sector.

Kremer benadrukt dat toerisme in Friesland veel meer is dan water en watersport alleen: de sector levert ongeveer tien procent van de Friese economie en draagt rechtstreeks bij aan voorzieningen waar ook inwoners van profiteren—winkels, horeca en zwembaden blijven bestaan dankzij bezoekers. Regionale verschillen zijn groot: Súdwest-Fryslân heeft een volwassen toeristisch bedrijfsleven (met initiatieven als VVV Waterland met circa 800 aangesloten ondernemers), terwijl Noardeast-Fryslân nog zoekende is. In het noorden ontbreekt vaak de ondernemersbasis omdat er te weinig toeristen zijn, en andersom; dat kringetje moet doorbroken worden met gerichte ontwikkeling van product en aanbod.

Praktische projecten geven voorbeelden van wat werkt: de TAF koppelde architecten, aannemers en ondernemers aan elkaar om circulaire, energiezuinige vakantiewoningen te ontwerpen—een pilot die al tot concrete vergunningsaanvragen leidde. Ook zijn er veel nieuwe wandel- en fietsroutes aangelegd, aansluitend op het type bezoeker dat Friesland trekt: wandelaars en fietsers die cultuur, historie en de strijd tegen het water waarderen. Kremer fietsde zelf vaak door het noorden en stuitte nog regelmatig op gesloten dorpscafés; meer toeristische routes zouden zulke plekken economisch leefbaar kunnen maken.

De coronacrisis was een dieptepunt, maar bracht ook kansen doordat Nederlanders meer binnenlands toerisme ontdekten. Met de huidige geopolitieke onzekerheden, klimaatextremen en hogere brandstofkosten liggen er volgens Kremer juist mogelijkheden voor Friesland als vakantiebestemming — mits publiek en privaat blijven samenwerken. Een aandachtspunt blijft opvolging: vergrijzing en bedrijfsopvolging onder kleine ondernemers vragen dat eigenaren eerder nadenken over overdracht en pensioen. Kremer roept gemeenten op financieel bij te dragen aan de TAF, omdat zij direct profiteren van toeristische projecten.

Zijn boodschap bij vertrek: de afgelopen tien jaar zijn er goede bewegingen ontstaan en toerisme wordt eindelijk gewaardeerd, maar het werk moet doorgaan; achteroverleunen is geen optie als Friesland zijn kansen wil verzilveren.