Hoe krijgen we een economie zonder oogkleppen?
In dit artikel:
De macht op aarde lijkt volgens de schrijver vandaag in handen van figuren als Donald Trump en Elon Musk, die een vrijwel autonome technische ontwikkeling aanjagen waar het grote publiek achteraan hobbelt, verslaafd aan consumptie. Die donkere constatering vormt het vertrekpunt van een reflectie over twee oudere maar actueel blijvende boeken: Kapitalisme en Vooruitgang van econoom Bob Goudzwaard en L’Étranger van Albert Camus.
Goudzwaard (1934–2024), wiens boek uit 1976 recent centraal stond tijdens een bijeenkomst aan de Vrije Universiteit, legt het falen van de economische wetenschap bloot: marktdenken negeert vaak onbetaalde maatschappelijke kosten zoals schone lucht of uitgeputte grondstoffen. Historisch schetst hij de overgang van gesloten middeleeuwse gemeenschappen naar open markten in Noord-Italië, de opkomst van handelshuizen en geld, en vervolgens de industriële versnelling die arbeid en milieu opofferde. Zijn beeld van hedendaagse technologische ontwikkeling is dat van een tunnel waarin het tempo en de richting door autonome technologische krachten worden bepaald; menselijke reflectie en morele toetsing blijven achterwege. Kunstmatige intelligentie is volgens hem de nieuwste loot aan die stam, aangestuurd door een handvol mensen, terwijl de massa reactief blijft.
Goudzwaard pleit ervoor nieuwe technieken vooraf moreel te beoordelen en verlangt zelfs een diepe geestelijke bekering richting God als middel om afgoderij en onverantwoorde vooruitgang te keren. De auteur van het artikel nuanceert die eis: wachten op universele bekering lijkt onpraktisch en dreigt passiviteit te legitimeren. Hij wijst er ook op dat tegenkrachten wél hebben gewerkt—de sociale kwestie leidde tot verzekeringen en een verzorgingsstaat, en economische crises gaven aanleiding tot correcties zoals de sociale markteconomie. Tegelijkertijd blijft waakzaamheid geboden: investeerders als Cathie Wood benadrukken dat AI nog in de kinderschoenen staat en juist daarom moet worden “getraind” met de juiste normen en waarden. Technologische oplossingen zoals Elon Musks idee om datacenters naar de ruimte te verplaatsen illustreren hoe snel praktische rondes op energieproblemen worden gezocht.
Camus biedt een ander vertrekpunt: in L’Étranger ligt de verantwoordelijkheid voor bouwen en bewaren van de aarde primair bij de mens, niet bij een allesreddende God. Camus verwerpt het afschuiven van verantwoordelijkheid op religieuze beloften van verlossing; wie zijn beslommeringen in God wil leggen ontloopt zijn taak. De confrontatie van de buitenstaander met een priester in de dodencel symboliseert die weigering. Dietrich Bonhoeffer’s idee dat God ‘met ons is’ door juist zijn kwetsbaarheid en nabijheid te tonen, sluit hieraan; verantwoordelijkheid komt voort uit medemenselijkheid, niet uit wachten op goddelijke ingrepen.
De schrijver merkt op dat Goudzwaard zelf Bonhoeffer heeft genoemd als invloed en concludeert dat de morele roep niet per se moet leiden tot apocalyptische strafbeelden maar kan worden vertaald in een actieve, vrolijke medemenselijkheid: mensen verantwoordelijk maken en houden voor de aarde en elkaar, in plaats van te hopen op verlossing van boven.